Bekijk ook de fotoalbums:

 

5. Bouwen in 2009/2010

4. Tour d'Oyarifa: november 2009

3. 40-jarig priesterfeest in Ulft

2. de Windmolen: april 2009 

1. Bouwen: begin 2009

 

(tip: druk op F11, als de het venster zich geopend heeft, voor maximaal kijkplezier.

Voor terug naar normaal beeld nogmaals F11).

 

13-02-2011: Bezoekersdorp

16-08-2010: Ghana en de WK

27-04-2010: Terug op site

16-01-2010: het dak zit erop

13-11-2009: de laatste etappe

04-10-2009: ontwikkeling in oktober

17-09-2009: de eerste schooldag

11-09-2009: religie en school

25-08-2009: de onderwijzer

10-07-2009: wachtend op Obama

08-07-2009: vanuit de gravelpit

01-07-2009: Afrikaanse bodem

14-06-2009: Feest

 

Het Archief (periode dec-juni)

 

 

 
 

20 juni 2011

Lees twee nieuwe verhalen bij

met veel nieuwe foto's..... en

muziek van Ken Carbonu!

 

 

13 februari 2011

OYARIFA WERD BEZOEKERSDORP IN 2010

 

Je kunt er niet mee blijven aankomen. Ik bedoel nieuwe excuses voor het feit dat ik zo lang niets van mij heb laten horen. Nee, ik begin niet aan een opsomming van mogelijke redenen. Ik ga u, bezoeker van de website, iets vertellen wat er zo al in het jaar 2010 heeft plaats gevonden in Oyarifa.

En wel op het terrein van de ontwikkeling van het gastenverblijf en de bezoekers die er dit jaar een tijd hebben doorgebracht. Ik mag u onmiddellijk vertellen dat het een boeiend jaar is geworden met bezoekers die ieder hun eigen levensverhaal meebrachten. En hopelijk hebben wij aan hen zoals zij aan ons nieuwe perspectieven laten zien en is Afrika en Ghana een werkelijkheid geworden die niet meer weg te denken is uit hun leven.

 

Alles bij elkaar bleef de wijzer voor bezoekers van over zee steken rond de 25 mensen. Een zeer gevarieerde groep die op een of andere manier van ons bestaan gehoord hadden. De meesten via mond tot mond reclame, enkelen via de website en anderen waren al oude bekenden uit Nederland, kennissen en familieleden. Zij hebben van onze gastvrijheid genoten, soms voor enkele weken, of enkele dagen of een dagje op en neer. Voor ons waren het nieuwe ervaringen en prachtige momenten met nieuwe vrienden en vriendinnen.

 

Ik laat uit die groep enkelen in korte schetsen de revue passeren.

Ik zie hem nog binnenkomen, de man die op zijn motor van Noord naar Zuid door heel Afrika op reis was, een doorgewinterde reiziger die op zijn motor al vele delen van de wereld bezocht had. Hij vertelde boeiend over zijn reizen en wij hadden levendige debatten over Afrika, de relatie Afrika met de rest van de wereld. Wij hadden het over politiek en economie. Hij toonde interesse in ons werk en wij in zijn reizen. Wat mij boeide was zijn nuchtere spreken over de gevaren onder weg en zijn kennis van de motor waar hij alles van wist. Voor iemand die niet veel verder komt dan een band wisselen en olie verversen, was hij een meer dan levensgrote gestalte. En in een korte impressie die hij achterliet, noemde hij mij een rebelse priester en een interessante man. Hoe kwam hij daar nu toch op!

 

Een jonge man uit Haarlem, met een baan in waterbeheer en ecologisch geschoold, was voor de eerste keer in Afrika. Hij nam de nieuwe werkelijkheid met grote nieuwsgierigheid in zich op. Hij had contacten met een landbouwinitiatief in het noorden van Ghana en is daar naar toe geweest. Ik heb met hem enkele straten van Accra bewandeld. Hij voelde zich opgenomen door de spontane ontvangst en de muziek en hij liet ons binnen in de wereld van zijn gezin, zijn vrouw en kind die thuis waren achtergebleven. Hij genoot van alles en houdt nog regelmatig contact. Onlangs mochten wij horen dat er een nieuwe baby was geboren in zijn gezin en opnieuw klonk in zijn vertellen de warmte door waarmee hij zijn relaties beleeft.

 

Met een andere bezoeker loop ik door Accra en hij heeft een camera bij zich. Al pratend lopen wij richting het centrum. Een artiest die zich in onmogelijke bochten wist te wringen, kwam op ons af want wij hadden al even staan kijken en hij vroeg om wat geld. De bezoeker pakte het slim aan. Als hij zijn acrobatische toeren mocht filmen, zou hij een mooie prijs krijgen. En jawel hoor, we kregen een bijzondere voorstelling. Tientallen mensen er enthousiast omheen, hij deed er nog eens een schepje bovenop en er werd onstuimig geklapt. Wij reuze blij met prachtige opnames en hij blij met een gulle fooi. Tijdens zijn acrobatische toeren raakte ik zelf met mijn anatomische kennis in de knoop en ik vroeg mij vertwijfeld af of ik ook zo in elkaar zat als hij. Ik die nog geen teen naar mijn hoofd kan brengen, kon niet eens goed zien waar zijn benen en zijn armen nu precies zaten en ik dacht dat hij nooit meer uit de knoop zou komen!.  Deze bezoeker was in Ghana om te kijken of hij misschien in de toekomst in Ghana een thuis zou kunnen opbouwen en om die reden was hij blij een tijdje bij ons te kunnen zijn. Hij had ook een eigen programma maar kwam dan weer terug in Oyarifa. Dat is wat ons voor ogenstaat. Bezoekers mogen hun eigen wegen gaan maar zijn welkom om over hun ervaringen te praten, wat rond te hangen voor een volgende reis misschien en met elkaar te praten over wat ons en hen in Afrika boeit en waar wij ons zorgen over maken. Ik hoop hem nog terug te zien.

 

Ik denk ook even aan een echtpaar dat via een oude bekende uit Rotterdam bij ons neerstreek en een geweldige indruk heeft achtergelaten. Beide brachten nieuwe gesprekken op gang. Wij hoorden veel over het maken van digitale boeken voor blinden. De man was al een jaar eerder in Ghana geweest om een studio op te zetten en mensen te trainen in dit boeiende vak. Hij kwam om een nieuwe studio in Accra te openen en een nieuwe groep mensen te trainen. Het waren gezellige en leerzame dagen. Zijn vrouw was zich aan het specialiseren in Japanse geneeswijzen en mocht ook graag ons laten meebeleven hoe dat in zijn werk gaat. Aanvankelijk was ik als droge klei onder haar handen maar ik merkte dat ik mij steeds gemakkelijker liet kneden.

 

Een bijzonder aspect dat al die bezoekers meekrijgen is dat ik de meesten introduceer bij de school in Zenu en dan natuurlijk voor hen tijd in ruim voor een bijzondere les die door hen gegeven wordt. Zo krijgen de kinderen van klas 6 een aangename “exposure” en steken ze de nodige dingen op waar ze anders nooit over zouden horen.

 

Dat gebeurde ook toen een goede bekende uit Rotterdam die zich inzet voor vluchtelingen met HIV- en Aidsproblemen, in Ghana op bezoek was. Hij had een vol programma maar maakte tijd vrij voor de school en zo kon hij daar zijn boodschap kwijt aan jongelui. In een heel ontspannen sfeer kon hij zijn ervaringen vertellen, informatiefolders en voorbehoedsmiddelen laten rond gaan in de klas, vragen beantwoorden en zelf weer nieuwe ideeën opdoen. Voor de kinderen zijn al die momenten topervaringen.

 

Een heel bijzonder bezoek was de periode waarin een oud collega van mij in Rotterdam, zijn vrouw en kind bij ons waren. Ik merkte hoe ontspannen zij waren en diep verbonden met elkaar.

Hun zoon werd mijn grote vriend en vele morgens, als anderen nog lagen te slapen, zaten wij met zijn tweetjes buiten koffie en thee te drinken en te kletsen over van alles en nog wat. Zij hebben behoorlijk veel gereisd en hun zoon van 7 jaar deed overal dapper aan mee, ook als hij wel eens klaagde over een buikloop. Elkaar weer ontmoeten in een ontspannen sfeer en een nieuwe omgeving, creëert ook mogelijkheden om elkaar beter te gaan begrijpen en dat gebeurde gewoon. Ik was daar heel dankbaar voor. Omdat hun zoon muzikaal is aangelegd, hebben wij een dagje studio gedaan en daar is een aardige CD uit voortgekomen. Wij allemaal deden mee, grote koptelefoons op, indrukwekkende apparatuur, enkele liederen maken en maar zingen. Wat een mooie ervaring. De school maakte op hen een diepe indruk en zij hebben op een bijzondere manier de school bijgestaan om beter te kunnen functioneren. 

 

En dan was daar mijn neef die al lang had beloofd op bezoek te komen. Hij reisde wat af en raakte steeds meer in een soort cultuurshock. Hij kon er maar niet over uit dat veel zo slecht georganiseerd was en hij was er totaal door in beslag genomen. Hij vertelde mij het ene na het andere verhaal. Zo was hij en een begeleider op weg naar een wildpark. Zij hadden in Tamale gelogeerd en moesten de volgende dag de bus hebben naar dat park. De bus zou om 6. 00 uur vertrekken en dus waren ze al om 4.00 uur op weg naar het busstation. Daar aangekomen, werd hun te verstaan gegeven dat de bus pas in de middag zou vertrekken. Wat te doen? Terug naar het hotelletje waar de sleutel nog keurig op dezelfde plek lag waar ze hem hadden neergelegd en waar de wachter ook nog altijd rustig te slapen lag. Tegen de middag waren ze weer present en zij niet alleen. Tientallen mensen hingen rond, drentelend en op zoek naar de man met de buskaartjes die zich maar niet liet zien of toch… achter de bus was hij briefjes aan het uitdelen, de eerste fase van een kaartje kopen. Kaartjes kwamen pas later. Het was duidelijk dat niet alleen mensen mee zouden gaan maar ook schapen, geiten en kippen die her en der rond de bus waren vastgebonden of vast werden gehouden door hun eigenaren. De begeleider was er tenslotte op uitgetrokken na een slopende wachttijd om kaartjes  te bemachtigen en kwam na een zenuwslopende tijd bezweet maar voldaan terug met twee kaartjes in zijn handen. Hoe hij die gekregen had, werd op dat moment niet duidelijk. Zijn lach vertelde boekdelen. Uiteindelijk kwam de chauffeur, hees alles wat aan hem zat, de chauffeursstoel in en bemoeide zich nauwelijks met wat om hem heen gebeurde. Daar had hij zijn mannetjes voor. De bus werd bestormd door mensen met en zonder kaartjes, met en zonder beesten die allemaal naar binnen wilden  en mijn neef die zich verbijsterd afvroeg of hij ooit zijn plaats zou kunnen bemachtigen, werd door zijn begeleider meegesleept wat hij maar over zich heen liet gaan en na een hoop gedoe, getrek en gekakel, kon de bus eindelijk vertrekken voor een 4 uur durende reis over een pokdalige weg. Mensen stonden tussen de beesten, hangend en slapend voor zover de kuilen in de weg het toelieten.

Zo ver was hij in zijn verhaal gekomen en als een advocaat die zijn sterkste troef uit zijn mouw liet vallen, keek mijn neef mij aan en zei: “Als ze nu eens in plaats van een bus er twee gereed zouden maken, zou dat het probleem niet op kunnen lossen of in ieder geval verminderen? Want deze taferelen zijn een dagelijks terugkerend treurspel.”Ik probeerde uit te leggen dat verwarring voor veel mensen een bron van inkomsten kan zijn, denk eens aan de man van de kaartjes en hoe die verdiend heeft daar achter die bus.  Maar hij was niet erg gevoelig voor deze uitleg. Later op de avond, toen wij bezig waren een nieuw antivirus programma op mijn computer te zetten dat nog al wat tijd in beslag nam, zei hij tegen mij: “Ik denk dat ik wat meer tijd moet nemen om nieuwe dingen te begrijpen, denk jij van niet? “ Ik kon het beamen en prees zijn ontdekking.

Hij raakte helemaal in de ban van Afrika en het virus heeft toegeslagen want hij komt dit jaar terug en brengt zijn vriend en diens dochter ook mee. Dat virus is dus nog besmettelijk ook.

 

Ik spring wat verder in de tijd en kom aan in december 2010. Mijn zus en zwager zouden op bezoek komen en ook de architect en bouwer van onze huizen. Rond die tijd waren er al twee andere bezoekers, een oud seminarist die ik al die jaren nooit meer gezien had en een jongeman uit Sierra Leone die voor een visum was gekomen om legaal bij vrouw en kinderen in Nederland te kunnen verblijven. De oud-seminarist bracht nieuw leven in de brouwerij; hij voelde zich helemaal thuis in zeer korte tijd en wij mochten van zijn technische kennis gebruik maken. Hij genoot van de sfeer op school en heeft zich uitgesloofd om zijn achterban daarover in te lichten die op hun beurt warm liepen voor de zaak en in korte tijd het mogelijk maakten dat dingen gingen veranderen in school. Hij bleek een rusteloze organisator en een knappe filmer/fotograaf en ik moet bekennen dat ik na een tijdje zo aan hem gewend raakte dat het maar niet wilde wennen toen hij vetrokken was. Hij had een collega mogen zijn maar zoals hij zelf vaak lachend opmerkte: “Ik had de moed niet om door te gaan maar ik ontdekte iets anders heel moois!” Hij heeft ons wat doen lachen toen hij uit zijn hangmat tuimelde en hij liet ons schrikken toen hij tussen hemel en aarde hing tussen de delen van een plafond in het gastenverblijf. Gelukkig is alles goed gegaan en is hij weer heelhuids bij zijn familie in Brabant terug.

Na twee maanden vol spanning is in januari 2011 de jongeman uit Sierra Leone naar Nederland teruggereisd met een visum en het goede nieuws is dat hij nu ook een verblijfsvergunning heeft en zijn leven op kan bouwen in het Zuiden van het land. Ik ben er trots op dat wij hem twee maanden bij ons mochten hebben en dat onze gezamenlijke inzet voor hem zijn vruchten heeft afgeworpen.

 

Nu dan het bezoek van mijn zus en zwager en de bekende Rotterdammer wiens naam veelvuldig opduikt in de verslagen op de website. Hij kwam om te genieten van wat wij samen gepresteerd hadden en ofschoon niet alles precies zo gelopen was als hij gepland had, denk ik toch dat hij erg tevreden was over het algemeen.

Mijn zus kon nu met eigen ogen zien wat er zo al gebeurd was en hoe er drie huizen zijn neergezet en mijn toekomst in Ghana een plek gevonden heeft. Wat voor mij prettig was is dat wij de kans kregen een aantal belangrijke zaken die met de toekomst te maken hebben, eens grondig te bespreken. Dat was voor mij een hele belangrijke bijdrage die zij mij kon en wilde geven. Wij hebben samen een weekje rond gereisd en genoten van elkaars aanwezigheid.

 

In januari 2011 kwamen er nog twee priesters uit Nigeria op bezoek en zij vormden de afsluiting van een druk jaar. Nu is het even rustig en wachten wij tot rond mei vooraleer de eerste bezoekers zich weer aandienen.

 

Wat maakt ons gastenverblijf nu bijzonder? Ik durf met zekere schroom te zeggen dat wij een eigen formule denken te hanteren. Wij willen bezoekers zich thuis laten voelen in ons “gezin”. Wij geven heel veel tijd aan hen, wij eten, plannen, zingen en drinken samen. Wij halen iedereen persoonlijk op en brengen bezoekers persoonlijk terug naar het vliegveld. Wij schromen niet midden in de nacht iemand op te halen als een bus laat arriveert, wij willen voorwaarden creëren dat een ieder op eigen wijze zo veel mogelijk kan leren van een nieuwe situatie in Ghana. Wij faciliteren en bieden ons aan. Het is ver verwijderd van: “Welkom! Hier is een sleutel. Je kamer is daar en daar en als je weg gaat, laat dan de sleutel daar of daar liggen. De prijs is als volgt…. “. Nee, je kijkt maar wat je achter kunt laten en dan is het goed, op die manier willen wij proberen mensen tegemoet te komen.

 

Zo dan, u hebt nu enkele impressies die ik met nog vele andere zou kunnen aanvullen. Ieder bezoek brengt iets nieuws en wij leren er van om onze gastvrijheid nog beter te kunnen delen met iedereen.

Wie graag wil komen, is hierbij uitgenodigd en ik hoop velen van u te zien in de loop der jaren.

 

Nu zou ik bijna vergeten te vertellen dat de leerlingen van de school op kerstavond in Oyarifa waren met ongeveer 50 mensen om een kerstspel op te voeren voor de buurt en de bezoekers. En er even helemaal uit te zijn. Het werd een hele mooie avond met wat een enigszins vals zingend groepje engelen die statig de trap af kwamen in het gastenverblijf, herders met hun blèrende schapen en koningen die een sterdragende engel volgden tot bij de grot waar de baby en zijn vader en moeder waren. De sterdraagster slenterde overigens nog even door en had schijnbaar haar oog laten vallen op een andere grot in de buurt maar daar lag niemand dus zij met ster weer terug.

 

Het slot was bijzonder. De wat grotere meiden hadden een dans ingestudeerd en die eindigde met een huldebetoon aan een plaatselijke leider, hier chief genoemd. Zie het voor je, een mooi uitgedoste jongen staat trots met een strak voor zich uitkijkende blik in zijn ogen tussen de dansende meidengroep. Hij vertrekt geen spier maar laat het zich aanleunen. Dan als de dans ten einde loopt, knielen zij voor hem in een kring en strekken hun handen uit naar hem. Hij steekt nu boven hen uit en nog altijd lijkt hij zich niet bewust van hun aanwezigheid. Maar de aanwezige kinderen voelen feilloos de symboliek aan, de uitstraling van macht van die figuur, zijn onaantastbaarheid te midden van hen, een held. Voor mij werd dat beeld het kerstkind in zijn volwassenheid, volledig opgaand in zijn taak de zelfbewuste mens uit te stralen, de mens zoals wij allemaal bedoeld zijn te zijn.

U wilt wel van mij aannemen dat het middernacht werd voordat de kinderen naar bed wilden. Er moest eerst nog een uurtje gedanst worden. Uiteindelijk lagen zij her en der verspreid over het gastenverblijf, snurkend en muggen verjagend met hun lakens, de slaap te vatten. De volgende morgen kwam de bus om hen op te halen want niemand van hen wilde het kerstmaal thuis missen:  Kip met Rijst!! Daar gingen zij, voldaan en tevreden en zo voelden wij ons ook.

 

Ik hoop dat deze impressies u een idee gegeven hebben van wat wij kunnen betekenen voor mensen die bij ons op bezoek komen. Wij beschouwen dat eerste volle jaar als zeer geslaagd en kijken uit naar dit jaar en naar u!

 

Joop Visser

 

16 augustus 2010

GHANA EN DE WERELDBEKER

 

Nee, klik deze bijdrage niet te snel weg met het argument dat er al zo veel geschreven en gezegd is over de wereldbeker in Zuid Afrika. Ik zou zelf ook die neiging kunnen voelen als ik de titel las. Maar dat woordje GHANA zal u hopelijk doen besluiten verder te lezen want het brengt een voor u deels onbekende invalshoek die ik u graag aanbied in deze rapportage.

 

Laat ik er dan maar onmiddellijk mee op de proppen komen. De meest gekke, teleurstellende en hoopgevende momenten van jaren hebben wij binnen een maand moeten verwerken en daar zijn we voorlopig nog niet klaar mee. De verwachtingen over de prestaties van het jonge Ghanese elftal waren zeer hoog gespannen. Ik geef toe dat je dat nooit van het gezicht van de coach kon aflezen dus het moest dieper zitten. Ik veronderstel in de ziel van de spelers zelf. Hoe verder de wedstrijden vorderden en de kansen van de andere teams die Afrika vertegenwoordigden, tot afgrijzen van alle Afrikaanse kijkers, duikelden, hoe hoger de druk op de schouders van het jonge Ghanese elftal toenam. De verwachtingen van de Afrikaanse en Ghanese bevolking groeiden uit de wanhoop om de gemiste kansen om roem te vergaren voor Afrika. En dat beseften die jonge Ghanese spelers maar al te goed. Ze speelden niet langer alleen voor Ghana maar voor heel Afrika.

 

Een eerste wonder of voor de meer seculier ingestelde lezer een eerste wonderlijke ontdekking mocht ik ervaren. Zoals bekend en te verwachten zijn de onderlinge relaties tussen de verschillende landen in Afrika nog heel gebrekkig en de geschiedenis van de Afrikaanse onafhankelijkheid voor de landen bezuiden de Sahara is jonger dan de pensioengerechtigde leeftijd in Nederland. Maar desondanks is het vermogen zich één volk te voelen en dat vooral in tijden van crisis, uitermate sterk ontwikkeld en wordt door iedereen intuïtief zo beleefd. Bij elke verliezende match van welk Afrikaans land dan ook werd het akelig stil in Ghana alsof het eigen team verloren had. Won er een Afrikaans elftal dan was de vreugde tot in de uithoeken van het land te horen en juichten en schreeuwden mensen zich schor. U kunt zich de taferelen nauwelijks voorstellen als Ghana zelf weer eens gewonnen had en de kwartfinale steeds meer in zicht kwam. Mensen renden de straat op, kledingstukken werden als een belemmering om uit je dak te gaan ervaren en afgeworpen, vreugdevuurtjes laaiden op en er zijn verhalen, wat zeg ik, ik heb het zelf meegemaakt, dat mensen met emmer, zeep en spons verschenen en zich midden op straat zonder enige gêne gingen wassen. Daar was niet iedereen van gediend, las ik in commentaren maar die commentatoren waren er vast zelf niet bij. Ik onthoud mij van welk moreel oordeel dan ook maar ik bedoel te zeggen dat de vreugde in Ghana totaal kan zijn en dan doet de hele mens mee aan het feest.

 

Nu mirakel nummer 2. Vanaf het moment dat de kansen voor Ghana verloren gingen in die merkwaardige slotmomenten tegen Uruguay waarin de goal gevallen was – bal achter de doellijn is een goal, punt uit - , maar de bal door de hand van Luis Suares weer over de doellijn werd teruggemept het veld in en Ghana de daarop volgende penalty strijd verloor, breidde de sympathie van heel Ghana zich uit over het land dat die schanddaad zou kunnen uitwissen. En Holland werd Ghana’s heldenteam. Iedereen vuurde Holland aan tijdens de wedstrijd tegen Uruguay en toen het laatste fluitje gegaan was, barstte er een feestvreugde los die niet onderdeed voor een gewonnen wedstrijd van Ghana zelf. Er was geen Ghana meer, geen Holland meer. Ghana was Holland en Holland Ghana. Op dezelfde bruisende manier zoals Ghana Afrika werd en Afrika Ghana om de uitschakeling van de andere Afrikaanse landen als het ware te wreken. En het gebeurde opnieuw toen Holland de finale los moest laten door die late goal in de verlenging. Ik geef toe, ik was teleurgesteld maar Emefa, de vrouw van Ken hier, met wie ik samen naar de wedstrijd gekeken had, barstte in woede en tranen los en deed de hele nacht geen oog dicht.  De volgende morgen liep ze nog altijd met versteende blik haar mantra uit te dragen: “Het was een penalty, het is onmogelijk, Holland had moeten winnen!!” Dat Martijn, een goede vriend die hier jaren gewoond heeft, al spoedig aan de telefoon hing vanuit Holland, was begrijpelijk maar ik was niet opgewassen tegen de taak die mij na de wedstrijd opgedrongen werd, om zo veel telefoontjes uit Ghana zelf met woorden van troost en medeleven te beantwoorden. Ik moest wel aan een inzinking en zware depressie toe zijn, dachten mijn vrienden en vriendinnen in Ghana. Vanuit Holland kwam er afgezien van de voetbalfanaat Martijn verder geen telefoontje of mail binnen en maar goed ook want ik lieg als ik nu zeg dat ik mij heel ongelukkig voelde.

 

Of u nu warm, zelfs heet loopt voor voetbal, maar ook als het u onverschillig laat of voetbal u al lang de keel uithangt, u zult toe moeten geven dat er toch iets mystieks in dat spel verborgen zit. Het kan dingen laten gebeuren, mensen bij elkaar brengen en situaties transformeren tot een nivo dat hoger reikt dan wat in het vermogen ligt van zelfs de meest bewierookte beroemdheid dan ook. Ik ga even terug naar die wedstrijd van Ghana tegen Uruguay.

 

Heel Afrika en grote delen van de wereld waren achter dat elftal gaan staan dat de naam en eer van Afrika hoog moest houden. Is dat niet bijna beangstigend van ongelooflijkheid dat 11 heel gewone jonge jongens miljoenen mensen wereldwijd aan hun voeten kunnen laten liggen, zich aan hen laten vastklampen en de hemel verzoeken om hen bij te staan? Ik vind dat aangrijpend. Natuurlijk was dat een tijdelijk moment maar blijf even met mij stilstaan bij dat wonderlijke gevoel dat zo iets mogelijk is. Ik vergelijk het even met Obama ’s bezoek aan Ghana toen de verwachtingen van Ghana - en  vele andere Afrikaanse landen deelden die -  hoog gespannen waren. Maar in vergelijking met deze recente ervaring verbleekt Obama’s ster als een uitgeblazen kaars. Daar kan geen vooraanstaand mens tegen op en bij gevolg mag ik toch wel met recht spreken van een klein wondertje, vindt u niet? Er is daar in voetballand Zuid Afrika overigens nog een andere man die zo iets groots bewerkstelligd heeft, de nu oude man Nelson Mandela. Hij was zo vriendelijk om, ondanks zijn hoge leeftijd en pijnlijke familiezaken, het Ghanese team uit te nodigen en tijdens die ontmoeting moet die herkenning daar geweest zijn. Hij is in staat om met een vriendelijke glimlach van zijn pretogen een gebeurtenis te doen slagen. Wat had ik graag die ogen en stralende gezichten willen zien van de spelers op bezoek bij Mandela! En daarnaast ook de eenzaamheid leren begrijpen, ja ik zeg het goed, eenzaamheid er na, want onmogelijk gehouden ervaringen die plots mensen overkomen, blijken nauwelijks te kunnen worden gedeeld. Het lijkt enigszins op die bijzondere gebeurtenis  ooit van enkele vrienden  van Jezus  op de berg Thabor, valt mij nu te binnen. Hen werd op het hart gedrukt niet te spreken over die bijzondere ervaring en ik besef  nu beter dan ooit waarom. Niemand zou het immers snappen want een verhaal waar je zelf nog niet goed uit bent en dat jou emotioneel in zijn ban houdt, stuit op onbegrip als je het wilt vertellen en als je dan toch begrip blijft vragen, begeef jij je onherroepelijk op een lijdensweg.

 

Het is een hard gelag maar het is allemaal voorbij. Holland zal proberen zijn trauma te verwerken en heeft daar als geluk bij een ongeluk al een behoorlijke ervaring mee. En Ghana droomt van een volgende kans wanneer het dan echt zal moeten gaan gebeuren. Mensen in Zuid Afrika stoppen hun vuvuzela’s  voorlopig even weg en keren terug naar de harde werkelijkheid van onvervulde dromen en de voortdurende armoede voor velen.

 

Maar de kracht van die zeldzame momenten gaat niet weg. Afrika en Ghana staan beter op de kaart, hebben wereldwijd vrienden ontmoet en gemaakt. Ghana is niet langer Guiana en de vraag: “Waar ligt dat land nu precies?” zal minder vaak klinken. En ze kunnen er voetballen als de besten! Afrika heeft bewezen dat het een wereldgebeuren weet te organiseren en heeft laten zien dat het continent bruist van leven.

Toen het Ghanese team in de bus stapte om huiswaarts te keren, waren duizenden mensen gekomen om afscheid te nemen van “hun” jongens. Er werd gelachen maar meer nog gehuild. Van dankbaarheid om de getoonde solidariteit met heel Afrika en het gevoel dat dit langer had mogen duren. Onvermijdelijk is de stap terug in het alledaagse. De achterstelling, de hoge misdaadcijfers, de ziekmakende werkeloosheid, de gestrande dromen, de vele weeskinderen.

 

Ik zelf ben ook al lang weer met beide benen op de grond, ga gewoon op maandagmorgen weer naar school, ontvang bezoekers uit Rotterdam en houd mij gereed voor de volgende groep. Oud-collega Frans Verkley komt met zijn vrouw en hun knul Piet en een neef van mij, Marcel,  komt rond dezelfde tijd. De loodgieter, de metselaar en timmerman zijn nog volop bezig maar geleidelijk beginnen wij resultaten te zien en beginnen wij warm te lopen voor de nabije toekomst.

 

Op school werd ik door de klas voor het blok gezet: “Voor welk land bent u nu eigenlijk? Voor Holland of voor Ghana?” “ Voor beide”, schipperde ik. “Nee, dat geldt niet, zeg ons voor wie?” Ik besloot voor Ghana te kiezen en kon niet nalaten er zachtjes aan toe te voegen: “Maar ook een beetje voor Holland! Mag dat? ” Dat mocht toen toch wel.

Natuurlijk hebben wij in de klas ook gesproken over de zin van bidden voor de overwinning van jouw land als je weet dat kinderen in andere landen immers hetzelfde doen voor hun land. God kan er geen twee laten winnen, toch? Ik kreeg een stralende mogelijkheid om de relativiteit van het menselijke denken over God met hen te bespreken, zoals de Almacht en Alwetendheid. Het zijn menselijke gedachten die de goddelijke werkelijkheid maar vaag benaderen en waarheid over God komt nooit veel verder dan de beperktheid van de menselijke gedachte en een geloofskeuze, durfde ik voorzichtig uit te leggen want ik zag bedenkelijke gezichten en fronsende wenkbrauwen.

Ik ga al die gesprekken niet herhalen maar wij konden ons vinden in de gedachte dat een gebed zich eigenlijk altijd richt tot en terugbuigt naar het eigen hart van de biddende persoon om zelf te gaan doen waarvoor gebeden wordt en dan daarover Gods Zegen te vragen. Ik schreef er korte gedichten bij, een oude gewoonte van mij, om de gesprekken poëtisch vast te kunnen houden. En na de wedstrijd Ghana – Duitsland die Duitsland won maar de kansen van Ghana in stand hield, kon ik mij zelfs een orakel veroorloven.

 

En ik sprak: “Hij laat Duitsland winnen maar Ghana zal ondanks verlies doorgaan!” En zo gebeurde het.

 

Ik schenk u tenslotte een van mijn overpeinzingen ter afsluiting van het wereldvoetbalgebeuren in Zuid Afrika:

 

Als het Vaticaan van een nieuwe wereldreligie

Regeert de Fifa met absolute macht over haar voetbalkratie

Het land dat gezagsgetrouw buigt en diep in de buidel tast

Krijgt de volgende pelgrimsstoet te gast

Wie haar  gezag veracht, wacht het oordeel van haar  Heilig Officie:

De Tuchtcommissie.

 

Met lieve groet aan alle website bezoekers.

 

Joop Visser

Oyarifa, juli 2010  

27 april 2010

Na een lange afwezigheid terug op de site

 

Webbezoekers komen met steeds meer vragen bij mij of er iets bijzonders gaande is in Oyarifa. Bij een bezoek aan de site wordt na januari 2010 geen verder nieuws meer aangeboden en velen betreuren dat. Ik wil daar verandering in aanbrengen omdat ik niet graag met het schaamrood op mijn kaken blijf rondlopen. En er is best wel veel te vertellen.

 

Bouwactiviteiten in een lagere versnelling

Na de terugkeer van Koos en Adri Batist en de afronding van de bouwactiviteiten rond het gastenverblijf in januari 2010, moesten wij wel om allerlei redenen in een wat lagere versnelling verder gaan met de bouw. Ik zelf keerde terug naar Zenu waar ik mijn leraarschap weer oppakte na een lange afwezigheid.

Wij hadden een aantal bouwactiviteiten uitbesteed want wij konden niet altijd op een directe manier de vinger aan de pols houden. De raam- en deurstijlen zouden door een jonge timmerman in Ashaiman, een plaats bij de havenstad Tema, gereed gemaakt worden. Hij zou ook een houten trap maken om naar de bovenruimten van het gastenverblijf te kunnen gaan en in de 4 kamers boven, kasten maken die tegelijkertijd als tussenmuren tussen de kamers zouden kunnen functioneren. Een bouwvariant van de twee vliegen in een klap. Daarnaast hadden wij een ijzeren trap als nooduitgang aan de buitenkant besteld. Om welke reden precies is niet goed aan te geven maar beide vaklieden lieten het er bij liggen en het duurde onverwacht allemaal erg lang.

Bij dergelijke situaties probeer ik mij wat in te houden. Beide trappen, tot in detail door Koos Batist uitgetekend overigens, waren best een ingewikkelde klus. De ijzeren trap zou elders op een werkplaats gemaakt worden en als een stuk aangeleverd worden. Onderdelen van de houten trap moesten ook gedeeltelijk elders voorbereid worden. U herinnert zich nog wel dat wij geen elektriciteit hebben en lassen, elektrisch schaven en dergelijke zijn niet mogelijk ter plekke. Natuurlijk bleven wij telefonisch contact houden maar dat had geen effect op de snelheid van het werk. De jonge timmerman heb ik vaak bij mij geroepen want hij woont niet zo ver van de school in Zenu maar ik begon steeds meer te vermoeden dat hij de taak niet zou gaan klaren en na lang aarzelen hebben wij naar een andere timmerman moeten uitzien.

 

Misschien klinkt dit alles buitengewoon saai in uw oren. Wat moeten wij nu, zo hoor ik u zeggen, met al die verwikkelingen daar bij de bouw van het gastenverblijf. Vertel ons gewoon hoe ver jullie zijn en of wij kunnen gaan komen. O.K., ik speel niet langer de zeurpiet en vertel nu hoe ver wij gekomen zijn. Daar gaan wij dan, eerst maar eens over het gastenverblijf.

De 4 kamers boven zijn helemaal betegeld, deuren en raamstijlen zitten er keurig in. Nu nog een kamerdeur, louvre-glas in de ramen en een verfje op de muren en wij schieten flink op en kunnen tenslotte denken aan een tafel, enkele stoelen en een bed om de kamers in te ruimen. De kasten die als tussenmuur zullen fungeren, moeten nog gemaakt worden. Een lange gang tussen de kamers is ook helemaal betegeld en richting de trap is daar een prachtige ruimte ontstaan waar ik besloten heb vele avonden door te gaan brengen. Zie het voor je, Joop zittend in een goed doorwaaide ruimte, een glaasje op tafel, een boek in de hand en genietend. De houten trap is klaar met een prachtige bijna artistieke leuning, keurige gelijkmatige treden en stevige leuning. De benedenruimte is geheel gepleisterd en vraagt nog volle aandacht voor betegeling en aankleding.

Lopen wij nu even richting mijn huis dan valt op dat overal rond de kamers de beveiliging is aangebracht, dat de studio ook is afgepleisterd en wacht op extra mooie tegels.

Zelfs Koos en Adri zouden even hun ogen uitkijken wanneer zij richting het huis van Ken en Emefa zouden lopen. De open ruimte voor hun huis is nu overdekt en ommuurd met vele ramen. Binnen is een geweldig mooie en grote ruimte ontstaan die later als huiskamer kan worden ingericht. Beide huizen hebben nu mooie betegelde buitenruimtes onder de kap. Daar zitten wij meestal tot in de kleine uurtjes, genietend van het uitzicht, uitkijkend naar vliegtuigen die even voorbij ons woongebied koers zetten naar Accra.

 

Een kleine ramp

Ik vind het moeilijk om te vertellen maar ik kan u niet in het ongewisse laten. Het gebeurde midden in de nacht tijdens een zware storm zoals die hier vaak voorkomen. Ik zat al naast mijn bed en voelde mij in het donker lichtelijk onveilig. De storm was ongehoord krachtig en de boom bij het huis leek te gaan breken. Krakende en schurende geluiden alom. Op een gegeven ogenblik een scherpe knal. Daar gaat de boom, schoot het door mijn hoofd. Maar dat bleek niet zo. De volgende morgen, heel vroeg, toen de storm was gaan liggen, ben ik polshoogte gaan nemen. De boom stond er nog maar al snel kreeg ik het te zien… brokstukken van de wieken van de windmolen lagen alom. Van alle wieken was een twintig centimeter uiteinde afgebroken. Ik ben er dagen verdrietig om geweest. Had de wind zo veel kracht dat deze de wieken rechtstreeks deed afknappen of waren ze zo ver doorgebogen dat ze de paal geschampt hadden? Het leken duidelijke breuken maar ik kan er niets zinnigs over zeggen. Ik heb mij er voorlopig bij neer moeten leggen maar ik vind het zeer spijtig, dat begrijpen jullie wel.

 

Aanmelding bezoekers

Vanaf juni 2010 hopen wij de eerste bezoekers welkom te kunnen heten en te kunnen huisvesten. Voor dit jaar hebben zich 8 personen gemeld, waaronder een neef van mij en zo rond de Kerstdagen mijn zus Dini en zwager Gunter. Ook voor volgend jaar zijn de eerste twee meldingen binnen. U begrijpt dat wij nu met nog meer enthousiasme zo veel mogelijk zaken geregeld willen hebben. Wij zijn begonnen met het uitgraven van een diepe put voor de afvoer van alles dat afgevoerd dient te worden vanuit een huis. Die put zal achter mijn huis komen omdat het daar het meest laag is en de drie ruimtes worden er op aangesloten. Dus binnenkort zal er ook een loodgieter rondlopen bij ons. U snapt dat al die werkzaamheden veel geld kosten en wij proberen elkaar zo veel mogelijk te helpen om zonder al te veel stress toch rustig door te werken aan alles. Weet u, dat is een innerlijk proces waar je samen door wilt en moet gaan. Je zou zo graag alles in een keer geregeld willen zien maar dat lukt gewoon niet en is te kostbaar. Als je besluit wat langzamer te gaan, ontmoet je geregeld teleurstellingen en kun je het traject nooit helemaal controleren. Bovendien reageert een ieder anders op zulke momenten. Ik kan zeggen dat wij ingespeeld raken op elkaar en zo veel mogelijk stress proberen te omzeilen. En dan niet vergeten: op zijn tijd helpt wat humor en lachen om je zelf.

Wij hebben het volste vertrouwen dat wij gaan slagen in onze dromen om spoedig mensen om ons heen te hebben voor een prettige en leerzame ontmoeting met Afrika.

 

Pasen in Oyarifa

Op eerste Paasdag hadden wij de kinderen uit de buurt uitgenodigd om eieren te komen zoeken rond het huis en in de tuin. Meer dan 20 eieren waren vooraf door hen gekookt en geverfd met een verf die maar niet wilde drogen, zelfs niet in de hete zon van Afrika. Vroeg in de morgen had ik de duisternis van de nacht als metgezel meegenomen om de eieren te verstoppen op allerlei plekken. Klokslag zeven uur holde ik rond het huis met twee pannendeksels als teken dat de kinderen bij elkaar konden komen voor instructies en dan snel op zoek naar de eieren. Daar kwamen ze aangevlogen, bijna sneller dan de engel die in het lege graf zijn plek had ingenomen voordat Maria Magdalena gearriveerd was. Ik had een lege mand op tafel staan, zat er met een blocnote en pen en de kinderen vlogen af en aan, kwamen hijgend hun gevonden eieren inleveren. Op een gegeven ogenblik lag er ergens nog maar een ei. Die zou beslissend zijn in de vraag welk kind de meeste eieren gevonden had. Zou het Selali worden of Prince? Op dat ogenblik stonden zij gelijk. Daar gingen zij weer en Prince vond het laatste ei en zou kampioen kunnen worden. Maar dan gebeurt er iets heel bijzonders hetgeen ik “Paselijk“ zou willen noemen. Prince legt het ei in de mand en zegt: “Deze is voor mijn zusje want zij heeft pas een ei gevonden en dan heeft zij er nu twee.” “Maar, Prince”, zeg ik, “zo kun je geen kampioen worden!” Hij kijkt mij aan en zegt: “Ik heb liever dat mijn zusje er twee heeft dan dat ik kampioen word”. Nu nog als ik Prince in de buurt zie, kijk ik met verwondering naar dat joch met zo’n mooi karakter. En voor mij was het een geschenk uit de hemel, een Paaservaring die mij diep raakte: “Verlies niet ervaren als verlies maar de “verlieservaring” overstijgen door een liefdesgebaar naar een ander en zo de kracht van het leven bevestigen”. Voor mij was Pasen daarmee een geslaagd feest.

 

Hij leefde als een slaaf en stierf als een Koning!

Waarom leven en sterven wij niet als Hem?

Dat was mijn motto tijdens de voorbereidingen op school over Pasen. En daar in Zenu gebeurde het volgende. De belofte die ik aan mijzelf gedaan had om tijdens de godsdienstlessen nieuwe termen te blijven zoeken voor oude ervaringen en niet te vervallen in geijkte antwoorden, was ik ook tijdens die voorbereidingen trouw gebleven. Ik had de figuur Jezus wat losgeweekt uit de oude schema’s, dat dacht ik althans, en ik had proberen uit te leggen dat die Jezus zulke diepe overtuigingen had over de relatie God en Mens en mensen onderling en daarin nieuwe richtlijnen had aangegeven van vrijheid en rechtvaardigheid, ja natuurlijk met voorbeelden en al, kom op, ik ben een echte leraar, ook uitleg gevend over de politieke situatie van het land Palestina dat in die tijd bezet was door de Romeinen, kortom grondige uitleg en dan stel ik de onvermijdelijke vraag: “Wie was nu eigenlijk verantwoordelijk geweest voor Jezus’ dood op jonge leeftijd?” Steekt een meisje haar vinger op en zegt zo iets als: “Axe”. Ik zeg: “Ik weet niet wat je bedoelt, zeg het nog eens”. En voor de tweede keer pak ik haar woorden niet maar de hele klas heeft het al lang door en lacht. Uiteindelijk begrijp ook ik wat zij zegt: “Us”. “Wij hebben Jezus aan het kruis geslagen”, klinkt het uit een onschuldige kindermond. “Hij is voor onze zonden gestorven en iedere keer als ik zondig, lijdt Jezus opnieuw aan dat kruis, althans zo zegt mijn pastor dat”. Even ben ik helemaal verslagen. Ik kan dat kindergezicht geen plek geven in dat verhaal en het flitst door mijn brein… ik kan nauwelijks op tegen de sinds Irenaeus ontwikkelde verzoeningstheologie die eeuwenlang gepredikt is en hier in Afrika maar ook wereldwijd door heel veel kerken nog altijd zonder verdere uitleg als feitelijkheid wordt aangehangen. Van een kind kreeg ik een theologisch antwoord op een feitelijke vraag. Maar dan herinner ik mij opnieuw mijn belofte en begin vol goede moed aan mijn uitleg die wat meer wenst aan te sluiten bij die eerste christelijke gemeenten waar Irenaeus en zo vele kerkvaders na hem zo heftig tegen gereageerd hebben. De eerste christenen gingen niet uit van de feitelijkheid van de evangelieverhalen maar van de mythische oproep tot zelfverwerkelijking die er in verborgen lag. Die theologie werd als zo gevaarlijk beschouwd dat latere kerkvaders hun verderfelijke boeken in grote brandstapels vernietigd hebben omdat de vrijheid en eigen verantwoordelijkheid in die oergemeenschappen beleefd, vanzelfsprekend een doorn in het oog was van een zich tot institutie vestigende kerk waarvoor eenheid en gehoorzaamheid aan het gezag de hoogste prioriteit waren. Dat kan ik aan hen niet op die manier kwijt, maar hoe dan wel?

Dit zeg ik dan, heel nuchter eventjes: “Niemand van ons kan schuld dragen aan zijn dood want niemand van ons was daar bij. Maar die Jezus had zulke diepe overtuigingen en was zo overtuigd dat hij nooit zou worden gescheiden van wie hem in liefde gezonden had, dat hij nooit toe zou geven om onder druk zijn opvattingen te wijzigen. Ja, hij was bereid er voor te sterven. Als wij zo zouden kunnen leven, net als Hij, zouden wij op de juiste weg naar huis zijn en niet afdwalen. Van die weg afdwalen, je eigen weg willen gaan, dat is wel een misstap waar je van terug mag keren. Misschien moeten wij zonde meer verstaan als afdwalen, bewust willen vergeten en Hij is altijd daar als een inspirerend voorbeeld om naar terug te keren. Voor al jullie leugentjes, dat geld weghalen vanonder het tafelkleed waar jullie moeders het verborgen hadden, jullie grove woorden en ruzies, daar zijn jullie zelf helemaal verantwoordelijk voor en de schade moet je ook zelf betalen. Daarbij is Hij het grote voorbeeld om voor ogen te houden maar zie hem niet met een grote wijwaterkwast rondgaan om door de eeuwen heen zonden weg te wassen. En haal het niet langer in jullie hoofd, zeg ik gemaakt dreigend, om nog langer het gevoel te hebben dat jullie schuldig zouden zijn aan de dood van deze dierbare mens.

Over godsdienst gesproken, wat is er allemaal gebeurd en gebeurt er nog altijd en dat in zaken waarbij niemand waarheid kan opeisen die beter zou zijn als die van anderen?

Die hele geschiedenis van een Joodse Jezus figuur die al vroeg tot mythe uitgroeide in het Christus-Mysterie, dan als feitelijke geschiedenis werd beschouwd binnen een institutie die zich vervolgens kleedde met macht en praal, maar als mythe voortdurend herontdekt werd door de eeuwen heen door groepen mensen die naar de mythe terug willen als middel tot vrije zoektocht, het boeit mij uitermate. Sorry, het lijkt wel een preek aan het worden.

 

De ervaring van verlies

Ik heb het soms moeilijk als ik bericht ontvang dat er vrienden of vriendinnen uit Rotterdam zijn overleden of ernstig ziek zijn. En de laatste tijd hoor ik er geregeld over. Het brengt je tot het besef dat de tijd voorbijsnelt, dat je weinig doen kunt om negatieve ontwikkelingen tegen te houden, zelfs niet nabij te kunnen zijn en woorden.. die schieten altijd te kort. Ook hier in Ghana is leven ook leven met de dood en verlies van dierbaren. Door hier te zijn en vaak alleen met je gevoelens, gooien die ervaringen je sterk terug op je zelf. Ik wilde het even kwijt aan jullie.

Het leven gaat door en vrienden vallen bijna natuurlijk en geleidelijk uit elkaars netwerk, iedereen vervolgt zijn/haar eigen levensweg en de contacten worden geringer. Zelfs met vroegere collega’s worden de banden losser en wij horen weinig van elkaar. Soms voel ik mij wat schuldig, ik voel mij te kort schieten of geeft u er maar een eigen beschrijving van. Het gevoel zal u niet onbekend zijn. Hoe waar dit ook is, er is een diepere waarheid: dat wat goed geweest is tussen mensen, kan en zal nooit verloren gaat. Daar sta ik achter en daar geloof ik in.

 

Ik groet alle bezoekers aan de website met veel genegenheid en ik beloof dat ik niet meer zo lang zal wachten met verhalen uit Ghana.

 

Joop Visser

 

16 januari 2010

Het dak zit er op!

 

Mijn laatste bericht dateert al weer van november 2009. Dus het wordt tijd om melding te doen van de laatste ontwikkelingen. Ik wil beginnen met het eind, de laatste dag van de aanwezigheid van Koos en Adri, de dag van hun vertrek, 12 januari 2010. In het diepste geheim hadden wij een marmeren plaat besteld waarop de namen van Koos en Adri zouden worden gegrift en gewag zou worden gemaakt van hun assistentie bij de bouw van de drie gebouwen op het terrein van de Afrikaanse droom. Dagen van te voren waren er al gaten in de muur van het gastenverblijf aangebracht en de avond van te voren was de gedenksteen aan de muur gehecht en gewikkeld in een donkere doek. Adri aan wie niets ontgaat, had al een paar keer opgemerkt dat er mensen heen en weer liepen van en naar het gastenverblijf en ik had de nodige smoesjes nodig om haar daar weg te houden. Die morgen van hun vertrek riep ik hen vanuit hun slaapkamer om zich gereed te houden voor een speciale gelegenheid en nog altijd hadden de twee geen idee van wat hen te wachten stond. Wij allen stonden klaar met een fles “Champagne” en natuurlijk ook een gitaar en nodigden Adri uit om de doek weg te halen van de gedenksteen. Het werd een emotioneel moment toen de kurk met een luide plof uit de flessenhals sprong en wij het glas hieven op Koos en Adri en natuurlijk ook onszelf en de geweldige prestatie geleverd over een periode van 8 maanden over 6 jaar verdeeld. De thuishaven voor de Afrikaanse droom was tot stand gekomen en een periode met heel veel contacten en ervaringen kon afgesloten worden. Ik heb Koos vaak gewezen op de mogelijkheid een boek te gaan schrijven over die lange periode van bouwen aan een droom en vooral onder woorden te brengen wat hij zelf van de lokale vaklui en zij van hem hebben kunnen opsteken tijdens die lange zes jaren.

 

De constructie van het dak was heel anders dan de timmerlieden in Ghana gewend zijn. Koos had als extra versterking van de draagbalken van het enorme dak verticale balken aangebracht die tegelijkertijd het dak mede ondersteunden en als muurbalken voor de kamers in hout konden worden gebruikt. Dat had veel berekening met zich meegebracht en eiste een nauwkeurigheid die soms moeilijk te bereiken was doordat het hout vaak krom is en maatverschillen toont.
 

Daar zijn Ghanese timmerui aan gewend in hun manier van maatvoering maar Koos zeker niet. Maar ondanks moeilijkheden om de kamermuren recht te krijgen en te houden, lukte het de timmerlieden om de wensen van de architect zo veel mogelijk tegemoet te komen. Ik zelf durfde vaak  nauwelijks te gaan kijken naar de gewaagde klimpartijen van de timmerlieden die zonder spoor van vrees en zonder uitgebreide stellages iedere centimeter van het dak bewandelden alsof ze in een geschoffeld park rondwandelden. Toen eenmaal de structuur gereed was, was het betimmeren van de dakruimte en het aanbrengen van vilt  een makkie. Wij kregen nog flinke problemen toen bleek dat de pannen die al lang klaar lagen, niet allemaal dezelfde maat hadden en ter plekke aangepast moesten gaan worden. De eerste dagen hadden veel weg van een processie in Echternacht, twee stappen vooruit en een terug. Die processie heb ik zelf nooit gelopen maar ik gebruik de uitdrukking om te zeggen dat wij soms  een gedeelte van het dak gereed zagen en een paar uur later alles er weer af was om een betere manier van leggen toe te passen. Maar geleidelijk aan kwam het dak gereed en konden wij met bewondering kijken naar een prachtig resultaat.

De slaapkamers boven zijn zeer ruim en moeten nog muurkasten krijgen en er zijn twee trappen besteld, een in hout die van binnenuit naar de slaapkamers zal gaan en een van ijzer aan de buitenkant als “emergency exit”, nooduitgang dus.

Die twaalfde januari 2010 zal mij bijblijven als een dag met paradoxale gevoelens: blijdschap en dankbaarheid aan de ene kant om wat onder leiding van Koos Batist tot stand was gekomen maar daarnaast een gevoel van leegte en onrust om de nog onbekende uitdagingen die ons nog te wachten zouden staan om de aankleding en noodzakelijke voorzieningen te effectueren. Maar nu wij zo veel tot stand hebben kunnen brengen, heb ik het volste vertrouwen dat wij ook de laatste uitdagingen het hoofd zullen bieden.

Ik hoef hier niet de tekst te onthullen van wat precies op de gedenkplaat staat. Ik durf te wedden dat de webmaster de nodige foto’s zal weten te ontfutselen aan Koos en die zal laten zien op de website.

 

Ik wil eindigen met een woord van dankbaarheid aan allen die een bijdrage hebben gemaakt om de Afrikaanse droom mogelijk te maken. Ik wil in het bijzonder Koos en Adri Batist bedanken voor hun jarenlange trouw en inzet. Ik durf te beweren dat het voor hen een levenswerk geworden is waar zij nog vaak aan terug zullen denken en ik denk met warme gevoelens.

 

Maandag begeef ik mij weer op weg naar Zenu om les te gaan geven aan jonge mensen die nog een invulling hopen te gaan geven aan hun leven. Ik heb hen gemist tijdens de laatste bouwperiode en waarom dan wel? Omdat het een van de mooiste geluksmomenten is als jongeren zich leren uiten en geïnspireerd worden door jouw manier van denken en handelen.

Al de kennis en ervaring die ik verzameld heb in de loop der jaren, dat wil ik niet verloren laten gaan maar doorgeven aan de jonge mensen van vandaag. Een bijdrage leveren om het levensgeluk van mensen te  vergroten, levens richting te geven en mogelijkheden die in hen zelf aanwezig zijn, helpen ontplooien naar een concrete invulling, dat past mij wel als gepensioneerde missionaris. Ik hoop dit nog jaren vol te houden.

 

Joop Visser in Oyarifa

 

13 november 2009

De laatste etappe: een dak op het gastenverblijf

 

Wielrijden blijft een sport voor wielerliefhebbers ook als de Tour de France op het Champs Elysees tot een climax komt en de huldiging op het podium kan plaats vinden.

Bouwen en interesse houden voor verdere ontwikkelingen van de Afrikaanse Droom in Ghana zal voor Koos Batist en zijn vrouw Adri niet uitdoven maar dit jaar bereiken zij samen met hun vrienden in Ghana wel een climax: het dak op het gastenverblijf gaat er op en zij kunnen daarna voldoende aftstand nemen en verdere ontwikkelingen aan lokale experts overlaten.

Voor het eerst wonen alle betrokkenen bij elkaar op dezelfde compound. De familie Carbonu in hun eigen huis, Joop in het zijne en Koos en Adri slapen dit jaar in zijn slaapkamer. De kamers mogen er zijn, de natte ruimtes zijn nog wat “primitief” en voor algemeen gebruik maar iedereen redt zich wonderbaarlijk. In vorige jaren moesten wij op en neer rijden tussen Madina en Oyarifa, toch altijd nog een afstand van 15 kilometer op een drukke weg en veel tijdverlies opleverend. Nu is dat probleem voorbij. Om zo maar te zeggen, Koos kan vanaf zijn kamer het werk overzien en zich op tijd uit de felle zon terugtrekken als dat nodig is en geloof mij maar ..... het is niet alleen nodig maar gewenst. Terwijl de berichten uit Holland over zware regens en guur weer reppen, gedraagt de zon zich hier als die Vestdijkse koperen ploert die vanaf ’s morgens negen uur met hete adem regeert en pas tegen half zeven de invallende duisternis toelaat wat verkoeling te brengen.

 

Wij hadden zo veel mogelijk voorbereidingen vooraf getroffen. De bouwstenen gereed gemaakt en op stapels gelegd, voorbesprekingen gehouden met de verschillende teams van metselaars, timmerlieden en staalconstructiewerkers. Om die reden konden wij wat sneller een start maken en dat is dan ook gebeurd.

Wij zijn ons bewust dat we op hoog niveau werken en dus hebben wij aan het begin op Afrikaanse wijze een plengoffer gebracht en gebeden voor een voorspoedige bouwperiode.

Na 4 dagen zaten wij al op lintel *) niveau en kon die in overleg met de staalconstructiewerkers gelegd worden.

*) noot van de webmaster: "lintel" is het Engelse woord voor "latei". En een latei is: de bovenste horizontale begrenzing van de opening waarin het venster moet worden geplaatst.
 

Het tempo ging enigszins in de achteruit toen wij tot de ontdekking kwamen dat de tekeningen voor de lintels verkeerd gelezen waren en deze allemaal 50 centimeter te kort waren. Maar dat werd opgelost en de metselaars legden vervolgens de houten schotten aan en vulden die met beton. Daarna moesten er een aantal dagen gewacht worden om die goed te laten drogen. Intussen was het mij opgevallen dat Koos zich wel erg vaak richting het toilet begaf, ook in nachtelijke uurtjes en begrepen wij allemaal dat Koos wat rust zou moeten nemen om zijn systeem tot rust te laten komen. Wij vonden het tijdsverlies niet erg want dat zou het drogen van de lintels bevorderen. Lieve mensen, dat werd schrikken geblazen. Bij het verwijderen van de houten schotten bleek het beton niet voldoende gedroogd te hebben en we beseften dat ondeugdelijke cement daarvan de oorzaak was. De timing door de metselaars was verkeerd ingeschat en het cement had een dag blootgestaan aan de vochtige lucht van Ghana.

 

Aan de buitenkant had niets er op gewezen dat het cement zijn kracht verloren had maar bij gebruik bleek dat overduidelijk. De schrik was eventjes groot en de teleurstelling al niet minder maar na kort beraad hebben wij besloten het beton van de lintels te verwijderen en helemaal opnieuw te beginnen. Daar was een goed gesprek en een aanmoediging van de werkers voor nodig en dat werkte goed. Na een uurtje klonken er weer vrolijke geluiden en luidruchtige gesprekken van de eerste verdieping, een teken dat de crisis voorbij was.

 

 

 

Intussen ligt er een grote stapel hout gereed en platen voor het dak en de kamers binnen in het gastenverblijf. Het was een spannend moment of wij voldoende geld zouden overhouden om het gastenverblijf onder dak te krijgen. En ik wil niet te vroeg juichen maar mijn gevoel zegt mij dat het lukken gaat. Het zal een pak van vele harten zijn. De rest en de noodzakelijke aanpassingen komen nog wel in de komende jaren.

 

Overal om ons heen staan huizen die gedeeltelijk af zijn en waar soms voor jaren geen verdere ontwikkeling te zien is. Mensen beginnen hun huizen te bouwen als er wat geld voor is. Dan weten zij het niet uit te kunnen geven aan andere prioriteiten. Pas als er weer wat geld vrij komt, kun je verder bouwen. Dat hebben wij in zekere zin ook zo gedaan, ieder jaar sparend voor wat extra geld en dan weer verder bouwen. Met hulp van vele vrienden en vriendinnen. Alles bij elkaar is het nu zes jaar dat wij ons met de bouw van onze Afrikaanse droom hebben bezig gehouden en komt het einde van een belangrijke tour, le tour d’Óyarifa, in zicht.

 

 

 

En om de droom verder waar te kunnen maken mag ik nog iets bijzonders melden. De elektriciteitspalen staan overal klaar om de nieuwe buurt van licht te gaan voorzien. Ik mag wel zeggen dat die nieuwe ontwikkeling geheel onverwacht uit de blauwe lucht kwam vallen.

Het is een Wereldbankproject en alle bewoners in het projectgebied krijgen daarmee een kans om gesubsidieerd aan stroom te komen. Dus wij proberen de buurtgemeenschap bij elkaar te krijgen om alles goed te laten verlopen. De Wereldbank vraagt om participatie van de gemeenschap en een bijdrage voor de verdere ontwikkeling van het gebied. Elders, o.a. in Zenu, zijn er gelijksoortige projecten op de laatste gronden vastgelopen en dat willen wij met alle geweld voorkomen. Iedere zondag vergadert de buurt en ik mag u vertellen dat ik tot secretaris ben gekozen, wekelijkse verslagen maak en de vergaderingen versla.

 

Wat zal Adri, de vrouw van Koos, opkijken, als ze op 9 december aankomt in Ghana om samen met Koos de laatste loodjes te dragen en feestelijk een onvergetelijke periode af te sluiten die nooit meer uit hun geheugen zal kunnen worden gewist! Ooit begonnen op een leeg stuk land, een klein miezerig boompje om onder te schuilen, een voorraadmandje met wat brood en eenvoudig beleg, alles nog zo nieuw en ongewoon. Nu, zes jaar later, drie krachtige en mooie gebouwen op een compound waar hopelijk jaarlijks een aantal gasten  kunnen verblijven, allerlei activiteiten ontwikkeld kunnen worden en een fundering is gelegd voor een toekomst voor velen, in Ghana en daarbuiten. En ik wil zeker niet vergeten dat vele mensen in Ghana hun bouwtalenten hebben ingezet om de droom waar te maken. Wij mochten hun een werkgelegenheid aanbieden en een respectvolle onderlinge relatie.

 

Ik heb nauwelijks woorden voor al die inzet en jarenlange bijdragen aan een droom die wij met velen wereldwijd hopen te blijven koesteren voor vele jaren. Met dank voor uw bijdragen en iedereen is uitgenodigd om te komen kijken naar het resultaat. Dat mag er zijn.

 

Joop Visser

kijk voor meer foto's

in het fotoalbum:

tour d'Oyarifa

4 oktober 2009:

Stormachtige ontwikkelingen in oktober 2009

 

Heel even heb ik geaarzeld of ik met die titel niet te hoog van de toren blaas maar nee, u mag zelf oordelen als u het uitgebreide activiteitenschema voor de komende oktoberdagen doorgelezen hebt.

Laat ik eerst wat vertellen over mijn inburgeringproces in het schooltje in Zenu.

Ik ga mijn vierde week als leraar in en nu al voel ik mij thuis en mis ik de uitdaging en de gezichten van de kinderen als ik donderdagmorgen huiswaarts keer. Samen met de klas 5 en 6 kinderen proberen wij enkele stappen te ontwikkelen om elektriciteit voor de school te krijgen. In een aantal ons omringende huizen brandt een peertje maar om nog duistere redenen is de beloofde, reeds betaalde maar doorverkochte meter de reden waarom wij nog in het donker verkeren.

Ik heb er een leerproces van gemaakt en wil de kinderen iets bijbrengen over het oplossen van problemen. Groepsgesprekken, petities schrijven, een vergadering houden met lokale bestuurders, we deinzen nergens voor terug. En het levert vermakelijke momenten op. Zie daar 4 afgevaardigden van klas 6 aan een lange tafel zitten, in gesprek met de burgervader en zijn coördinator. Eigenlijk vinden ze het maar een rare boel en er zitten vele andere, meer interessante figuren op de gang te wachten. Ja, hoe praat je met die kinderen? “Hebben jullie op school nog meer problemen dan alleen gebrek aan elektriciteit?” houdt de coördinator het gesprek gaande. “Ja hoor,” antwoordt een kind, “een heleboel maar als u ons helpt om elektriciteit te krijgen, kunnen wij er zelf wel een aantal oplossen”. Voor een klassenleraar is dat als het vallen van een doelpunt voor een voetbalcoach. Je kunt dat lichamelijk niet gaan uitdrukken door de vuisten in de lucht te steken of  als een dolleman door de kamer te gaan lopen maar van binnen klinkt het: “Yes, a score!”

 

De belofte dat  men ons wil helpen,  hebben wij binnen maar ik zal met mijn team toch enkele verdere stappen moeten bespreken en ik zal de komende week voorstellen dat ik zelf een aantal tussenstappen zal zetten. Misschien is dat wel niet de juiste tactiek  maar ik ben natuurlijk nog altijd nieuwsgierig hoe en of mijn persoonlijke charmestrategie nog werkt in de postrevolutionaire jaren. De schoollokalen zijn zo verschrikkelijk heet, er is geen mogelijkheid om de computer te introduceren en er kunnen geen naschoolse activiteiten georganiseerd worden. Ik wil graag franse les geven aan de buurtbewoners maar dat wordt lastig zonder licht. Wij gaan dan maar even voor de resultaten en schipperen wat met de theorie.

 

Zenu is een wijk met veel armoede. Kinderen hebben vaak geen schriften en boeken en zelfs pen en potlood zitten niet verborgen in de zakken van broek en shirt. Ik bedoel met armoede niet alleen het benoemen van wat niet voorradig is maar wil ook wijzen op het gebrek aan bewustzijn bij ouders of verzorgers van het belang van onderwijs als noodzakelijke voorwaarde voor een goede beroepskeuze. Als ik een jongen vraag waarom hij geen pen bij zich heeft, antwoordt hij dat zijn vader en moeder pas naar een begrafenis zijn geweest. Daarbij kijkt hij mij aan alsof hij wil zeggen: “Nou, dan weet u het wel!” En dat doe ik dan ook. Begrafenissen in Ghana brengen de overledenen naar het graf en ondergraven tegelijkertijd de toekomstmogelijkheden voor de overlevenden en hun kinderen. Er gaat zo veel geld in om dat je zou mogen verwachten dat de verantwoordelijken met voorstellen zouden komen om daar verandering in aan te brengen. Mijn eigen aanvoelen is dat er steeds meer statusaspecten aan begrafenissen  gekoppeld worden en de onkosten alsmaar hoger worden. Ik wil nog wel eens een boekje open doen over huwelijksfeesten maar dat moet een andere keer.

In de stad bestaat al de mogelijkheid om bureaus in te schakelen die je alle verplichtingen uit handen nemen behalve de verplichting alle kosten op te hoesten die er niet om liegen. Maar dan krijg je ook wel alles: een limousine, een ambulance die gierend en met zwaailichten door de wijk gaat, een doodskist compleet met spiegeltjes en raampjes, tafels vol met eten en drinken en netjes in kostuum gestoken personeel. Denk ook nog even aan een aantal bands die nachtenlang uit manshoge geluidsboxen de muizen uit hun holen jagen en de mensen uit hun dak  laten springen in lichtvoetige en lichtzinnige dansen. Wat vooral indruk maakt op mensen is de moderne toiletunit. Kinderen lopen er om heen, en nog eens en worden alsmaar nieuwsgieriger. Ze kijken de bezoeker die het lef heeft er gebruik van te maken, vermakelijk na want met al die lange gewaden kun je in zo’n hokje geen kant op. En dat terwijl de goot in de buurt is en niemand opkijkt als je daar je straal en aandacht op richt. Dat mag dus wel wat kosten, vanzelfsprekend, en dat doet het ook. Voorlopig minder of geen schoolgeld, opleidingen moeten worden afgebroken, jaren van schulden komen in het vooruitzicht.

Ik zou nog veel meer kunnen en willen vertellen over de school maar dan houdt u het voor gezien en bezoekt u vlug een andere website.

 

Daarom naar een andere spannende gebeurtenis. Eind oktober 2009 zal Koos Batist op Kotoka International Airport landen om verder te bouwen aan het gastenverblijf en het dak er op te zetten. Ik hoop vurig dat dit gaat lukken en op dit ogenblik  zijn wij allen druk bezig met de voorbereidingen. Er worden nog wat stenen gebakken, de gesprekken met de  uitvoerdergilden moeten afgerond worden en alle materiaal moet op orde gebracht worden. Wij hebben het financiële plaatje zo volledig mogelijk uitgewerkt en berekend dat als er niet te veel tegenslagen optreden, wij dit keer de bovenverdieping en het dak zullen gaan zien en bewonderen. Ik kan niet wachten om Koos welkom te heten en in een later stadium ook Adri, zijn lieve vrouw, die na Sinterklaas zelf ook een zuidelijke koers zal inzetten, zij het niet in een stoomboot maar in een modern vliegtuig.

 

Rond de tijd dat Koos arriveert, zal ook een neef van mij, Ron Overgoor, zich weer melden in Ghana. Hij komt met een legertje investeerders die mogelijkheden voor hun business in Ghana willen bekijken maar best ook een avondje willen luisteren en spreken met de idealisten van het Afrika Droomland in Oyarifa. Wij hebben een lied klaar tegen die tijd en in Adenta is een bijzonder hotelletje gebouwd door een Ghanese idealist die lang in Nederland gewoond heeft en in die periode alle antiekmarkten heeft afgestroopt en allerlei spullen verzameld heeft. Die hangen te prijken in het Afrikaanse restaurant, potten en pannen, kolenkits, oude radio’s, paardenhoofdstellen, wagenwielen. Je Hollandse hart veert gewoon even op als je dat alles ziet. Maar nu komt het en als klap op de vuurpijl hangen er ook foto’s van vooral Nederlandse zangers en zangeressen en enkele klassiekers van buiten de landsgrenzen. Die foto’s corresponderen met langspeelplaten die keurig onder de tap opgeborgen liggen en men hoeft maar te wijzen naar de  vrolijke kop van Andre Hazes of de trompet van James Last en enkele minuten later zet de grammofoon zich wat krakend in beweging en mits het toerentalmechanisme niet dol draait of onverwacht op hol slaat, kijk je elkaar glunderend en trots aan en denk je allemaal hetzelfde: “Wij hebben toch ook wel wat aardige muziek in dat kikkerlandje!” Of er nog een polonaise in zal zitten die avond, zal van een aantal factoren afhangen maar ik weet zeker dat het gezellig wordt.

Voor Ron zal het een indrukwekkend en emotioneel weerzien zijn en een paar weken met veel kleine uurtjes, neemt u dat maar van mij aan.”Has anybody seen my girl?”, een klassieker van Ron zelf, ja, daar komt hij die avond niet onderuit en dat lied zal klinken compleet  “with diamond rings and all those things”.

 

Tegen die tijd is de familie Carbonu ook volledig overgekomen in hun nieuwe huis. De deuren moeten er nog in, aan de ramen wordt driftig gewerkt en de nodige huisraad is al links en rechts opgestapeld. Overnachting is nu nog in mijn huis, een gezellige boel, dat wel, maar het blijft behelpen want er is geen licht en de baby heeft nog geen benul van tijd en vraagt (hoe haalt dat kleine wicht Sesi het in haar hoofd!?) om de paar uur, midden in de nacht, met dwingend gekrijs of ze aan de borst mag. En vaak gaat dat nog eens gepaard met het verschonen van een luier die ik soms wat onhandig aanpak en buiten in een plastic zak deponeer. En dan moet Selali nog eens een flinke kou hebben opgelopen en met akelige hoestbuien de stilte van de nacht aan flarden scheuren, dan denk je terug aan de eerste maanden van 2009 toen ik nog helemaal alleen was en hooguit wakker werd van mijn eigen snurken of het gesjirpt van een sprinkhaan die ongevraagd onder mijn muskietennet was komen kijken of de gekko of andere salamanders die over het knisperende zeil op jacht waren naar hun insectenprooi.

De keuze om bij een familie te wonen heeft naast veel voordelen ook enkele nadelen en een verminderde en gebroken nachtrust is daar een van.

 

Nu terug naar u. Heb ik gelijk of niet dat dit een stormachtige oktobermaand zal worden met heel veel activiteiten? U hoeft mij geen gelijk te geven maar ik laat de titel van dit schrijven gewoon staan. U moet wel goede redenen hebben om het anders te zien.

 

Met lieve groet:  Joop Visser

17 september 2009

De eerste schooldagen als leraar in Zenu

 

Ik werd keurig op tijd door Ken voor de school afgezet op die maandagmorgen, 14 september 2009. De kinderen stonden netjes in de rij en de kleinsten konden het niet nalaten te wuiven en te schreeuwen “Obruni”, white man!

En het nationale volkslied was nog niet eens gezongen. Een van de staf van 9  kwam mij zo waar tegemoet met een bosje bloemen waar ik helemaal door vertederd werd. En natuurlijk mocht ik wat zeggen maar vraag mij niet wat ik nu precies gezegd heb. Ken had zijn gitaar bij zich en wij hebben samen een lied gezongen waarin de naam Zenu nadrukkelijk wordt genoemd. Dat lied hoor je nu van straat tot straat want ieder kind zingt het voor aan de kinderen van de hele wijk die niet op dezelfde school zitten of niet naar een school gaan.

 

Ik kreeg de sleutels overhandigd van mijn slaapvertrek en van de badkamer die een nieuw verfje gekregen had en nog zo blauw rook en niet lang daarna begon de  klassenleraar van de gecombineerde klas 5 en 6 aan de eerste les. Ik zou als zijn assistent de volgende les pakken, Engels. Die dag werd ik in het diepe geworpen met twee lessen Engels, een eerste les Frans en een eerste les godsdienst. Zo’n dertig kinderen, jongens en meisjes, de meesten zonder boeken, schriften en pennen, probeerden mijn Engelse accent wat op te pakken en giechelden wat af hetgeen  hen gegund was. Ik voelde mij nauwelijks gespannen; veeleer onderging ik een gevoel van voldoening dat ik een bijdrage zou kunnen maken om hun leven wat richting te geven. De idealist in mij was weer eens opgestaan en ik kwam tijd te kort om in een half uur een subject te behandelen. Dat hebben velen van u vaker meegemaakt.

 

Die eerste dag moest ik uit zien te vinden wat het nivo van hun kennis was en ik kwam er al snel achter dat velen weinig bagage hadden meegekregen. Maar na een paar uur had ik ook door wie de pientere typetjes waren en kon ik een ruwe inschatting maken. Hoe verdeel ik mijn aandacht, stimuleer ik de schrandere voldoende en trek ik de anderen mee? Door het nodige maar te herhalen, zo besloot ik, en ik ben gaan zoeken naar wat boeken van de vorige jaren en heb mij daarin verdiept. Ook moest ik er aan wennen om goed gebruik te maken van het bord om woorden snel op te schrijven zodat die overgenomen konden worden. Ik brak vanzelfsprekend het ene krijtje na het andere omdat ik het niet gewend was een krijtje te hanteren.

 

Tegen 16.00 uur zijn de kinderen de schoolpoort uit en is het busje dat een groot aantal kinderen naar school brengt en weer ophaalt, de poort uit. Dan duurt het niet lang of de avond valt. Ik hang rond met een kop koffie, ga mij voor het donker wassen en eet een bordje rijst met kip of vis en rond zevenen lig ik in bed. Er is immers geen licht en de dagen zijn welbesteed, nou dan wil je wel op tijd slapen. Die eerste dagen kwam er weinig van slapen want het was Ramadan en de hele nacht werd er overal in de wijk gezamenlijk gegeten en veel gebeden en gezongen. Tot 5.00 uur in de morgen en op die tijd gaat mijn wekker over en begint voor mij een nieuwe dag.

 

De directeur van de school en zijn vrouw die het project hebben opgezet, kunnen nog altijd niet geloven dat ik mij met de school verbonden heb en houden mij en mijn welbevinden goed in de gaten. Wat ik wil eten, of ik mij met warm water wens te wassen, nee dus, of ik nog fruit heb, kortom zij blijven het merkwaardig vinden dat ik voor hun kleine schooltje gekozen heb en de moeite neem zo ver van huis te komen les geven. Als zij mij vroeg horen opstaan, komen zij direct vragen of ik warm water wil voor mijn eerste kopje koffie. Bij veel vragen van hun kant voel ik mij wat verlegen en opgelaten maar voor dat eerste kopje koffie zet ik alle schroom aan de kant want daar ga ik echt voor in de vroege morgen.

 

Het was mij opgevallen dat de kinderen niet zo nadrukkelijk zelf aan bod komen, zich te weinig laten horen en weinig “exposure” gekend hebben in hun leven. Ik probeer op alle manieren hen bij de les te betrekken en houd de lessen zo levendig en praktisch mogelijk. Zo besloot ik tot een kort experiment. De school heeft namelijk geen elektriciteit, zo vertelde ik al en ofschoon huizen rond de school wel op het net zijn aangesloten, is de school dat nog niet. Ook de kinderen begrijpen dat hen op die manier veel ontzegd wordt en zij dromen vanzelfsprekend ooit achter een computer te mogen gaan zitten.

Dat gaf mij een geschikte gelegenheid hen in een “problemsolving exercise” te betrekken.

Wij deelden de klas in vier groepen, elke groep  moest een secretaris kiezen en stoeien met de vraag: “Hoe kunnen wij helpen om elektriciteit te krijgen voor de school?” Er werd lacherig overlegd en gestoeid en eenmaal teruggekeerd naar het leslokaal, mochten de 4 secretarissen hun verhaal doen.  Tot mijn verbazing was in iedere groep het probleem keurig geanalyseerd en duidelijk omschreven maar geen groep had ook maar een oplossing te bieden. Mijn aandringen naar een oplossing kreeg geen antwoorden los. De kinderen zien het schijnbaar niet als behorend tot hun mogelijkheden om oplossingen in hun leven te vinden. Zij stellen zich erg afhankelijk op. Daar ben ik over doorgegaan en ik wilde hen meenemen in het zoeken van een oplossing. Dus hebben wij na lange gesprekken samen besloten de burgemeester te gaan zien om het probleem aan hem voor te leggen en zijn medewerking te zoeken. Ik ben er zelf achteraan gegaan om een afspraak te krijgen en ja hoor, na twee en een half uur geduldig wachten kreeg ik het voor elkaar: volgende week woensdag, om 9.00 uur in de ochtend, gaan de 4 afgevaardigden met hun beide leraren naar het gemeentehuis en zullen zij een petitie overhandigen aan de burgemeester in eigen persoon. Die hebben zij  in eigen handschrift met veel bijten op hun pennen uitgewerkt. Zij vinden die nieuwe meester maar een rare met wilde ideeën. Dit is nog maar een begin, daar komen ze nog eens achter.  

 

Al te snel voor mijn gevoel was het donderdagmorgen en wilde ik naar huis terugkeren. Ik had besloten en aangekondigd  de afstand van ongeveer 12 kilometer te gaan lopen en was op tijd wakker voor de voetreis. Dat was niet naar de zin van mijn vrienden en zij hadden al gebeld met Ken Carbonu om mij op te komen halen. Maar ik was al onderweg en had de eerste kilometers er reeds  op zitten toen de directeur in een taxi achter mij aan kwam om mij te overtuigen de taxi te aanvaarden. De taxichauffeur zag zijn winst smelten door mijn koppigheid want ik bleef volhouden dat ik dolgraag wilde gaan lopen en dat ik dat ook deed om mij te ontspannen van de zware lessen. Je moet toch iets verzinnen om een schooldirecteur te overtuigen! Dus nagestaard door hen beiden ben ik mijn weg vervolgd, af en toe huppelpasjes makend om hen te overtuigen dat ik in uitstekende vorm verkeerde voor de wandeltocht. Een paar kilometer verder werd ik opnieuw in een hinderlaag gelokt, nu door Ken die met zijn auto mij aan de voorkant klem wilde zetten. Met een niet mis te verstane uitdrukking op mijn gezicht dat ik hem in het vervolg links zou laten liggen als hij weer zou proberen mij letterlijk de pas af te snijden, ben ik gezwicht en heb mij thuis laten brengen. Daar waren weer de nodige andere zaken die mij bezig gingen houden maar de hele dag heb ik de gezichten van de kinderen voor mij gezien. 

Ik heb er zin in en wil er wat van maken om de school langzaam wat vooruit te helpen. Het is absoluut de moeite waard.

 

Joop Visser

 

11 september 2009

Religie en school

 

Vandaag vertrekt Corrie Visser, terug naar Schijndel. Zij is drie weken hier geweest en ik ben veel met haar opgetrokken. Tegelijkertijd waren er twee filmmakers die aan een documentaire werken over een Amerikaanse missionaris die hier in de zestiger jaren werkte, hier kinderen kreeg en een van hen is teruggekeerd om te zien wat zijn vader in die dagen dreef en of die boodschap van toen ook nu nog nut heeft in Ghana. Het is een zeer emotioneel gebeuren aan het worden want zijn vader voelt zich bedreigd en wat zij aan missionaire praktijken hebben aangetroffen onder Amerikaanse pentecostale zendelingen op dit ogenblik is schokkend te noemen. Nog altijd gaan er jonge missionarissen uit pentecostale kring rond om "heidense" gebruiken uit te roeien en mensen te "bevrijden" van traditionele bagage. De gedachte die er aan ten grondslag ligt is dat alle elementen uit de Afrikaanse religie vals zijn en onderdrukt moeten worden. Je gelooft het toch niet want het ontbreekt aan elke vorm van respect. De missionaris die ze troffen houdt zijn kinderen buiten de lokale school, zij spelen niet met Ghanese vriendjes, die komen niet thuis bij  hen en andersom. tijdens de dienst staat zijn zoontje van negen naast zijn vader. Religie blijft een lastig onderwerp om een oordeel over te vellen want er zit zo veel persoonlijks aan maar je kunt een inschatting maken van de impact op lokale mensen en hun cultuur.

 

Ik heb mijn eerste schooldag achter de rug en ben aan mijn collega's en leerlingen voorgesteld. Klas 5 en 6 van de basisschool, in een depressieve wijk, 10 kilometer ongeveer van mijn huis. Een schooltje dat een aantal jaren geleden begonnen is door de houtbewerker/kunstenaar Anthony, die de school naar mij genoemd heeft ooit. Waarom juist daar? Niet tot meerdere eer en glorie van mij, geloof me maar. Maar ik kan mijn religieuze ei kwijt zonder al te veel vragen.

In Oyarifa is het schoolsysteem vooral van presbyteriaanse signatuur en daar past een katholieke priester niet erg goed in zonder dat er in verschillende kringen vragen worden gesteld. Dat wil ik vermijden en ik prefereer daarom de neutraliteit van een privéschooltje hoe klein ook en met weinig gerief. Ik zal er zijn van maandag tot en met woensdag en ben daarna in Oyarifa/Madina for the time being.

Ken en Emefa zijn nu druk bezig met hun verhuizing en de inrichting en afpleisteren van hun huis. Veel werk maar er zit schot in. Maar ik heb daar in Zeno, de naam van de township, een slaapkamer en kan drie nachten ter plekke zijn. Ik zal Engels, Frans, religie civics geven en Ik ga ook voor de buurt franse les geven in de avonduren, free tuition classes, het hoeft geen cent te kosten. Breng een schrift en een pen, en betaal iets voor de ruimte en mij hebben ze vrij. Frans is in opkomst in Ghana, Ghana is immers omringd door francofone landen en het idee van kijken of er buiten eigen grenzen werk te vinden is, lijkt ingeburgerd te raken in Ghana.

 

25 augustus 2009

Daar komt de onderwijzer

 

Het is nog vroeg. Het is nog donker buiten maar de oproep tot gebed klinkt al vanuit de verschillende moskees. Het zal tussen 4.00 en 5.00 uur zijn en de eerste vogelgeluiden mengen zich bij  die oproep tot gebed. Nog even omdraaien en wegglijden in een droomtoestand en spoedig zal de bel van de katholieke gemeenschap een zelfde oproep laten horen om te ontwaken en de dag niet zonder gebed te beginnen. Uit luidsprekers klinken de namen van de dorpen en steden waar de eerste busjes naar toe gaan rijden op dit vroege uur. Ik aanhoor het als de economische variant van de oproep tot gebed. En deze laatste is de meest hardnekkige want het zal de hele dag door je hoofd galmen. Wat een toewijding, een dagelijks en constant gebed  om op reis te gaan en de busjes vol mensen op de weg te houden. Ghana is een land in beweging.

 

Intussen is er het nodige gebeurd. Vandaag zal een bezoekster komen, de vrouw van een overleden neef, wil in enkele weken een goede indruk van Ghana krijgen. Om haar een zitkamer en slaapkamer te kunnen aanbieden, is een volgende kamer van mijn huis gereed gemaakt zodat ik in de buurt kan zijn en mijn vaste verblijf voorlopig even afsta aan haar. Wij hebben de hele compound opgeruimd en het hurken op het toilet is van voorbije dagen. Er is een box getimmerd en er is een keurige bril op gemonteerd. De beschaving heeft een evolutiesprong gewaagd die ik toch graag even wilde vermelden.

Eind augustus komen nog twee andere bezoekers. Een is de zoon van een vroegere protestants missionarisechtpaar die in de zestiger jaren hier gewerkt hebben, de meeste tijd in noordelijk Ghana. De zoon, hier in Ghana geboren, wil graag een film maken over het missionaire leven van de zestiger jaren en dat vergelijken met de huidige tijd. Heel interessant, zou ik zeggen. Ook enkele jongedames die vakantiewerk komen doen, willen graag langs komen en vanzelfsprekend zijn ook zij welkom. Zij waren onder de indruk geraakt van de website.

 

De Carbonu familie wil zo snel mogelijk overkomen van Madina naar Oyarifa en hun huis wordt nu ook aangepakt. Vandaag wordt een Rotterdamse dubbeldeur geplaatst, compleet met de “Zwaan”, de Erasmusbrug en de Euromast en het wapen van Rotterdam, de twee rode en zwarte leeuwen en de spreuk: Fortior Per Pugnam. Iedere Rotterdammer weet natuurlijk wat die woorden betekenen maar voor niet-rotterdammers wil ik ze wel even vertalen. Het betekent : Sterker door strijd! Diepe wijsheid kan Rotterdammers niet ontzegd worden.

 

Na terugkeer ben ik gedeeltelijk teruggevallen in mijn patroon van leven. Veel lezen, wandelen en rustig uitzien naar de toekomst. Er aan wennen dat je gepensioneerd bent, niet meer zo jong maar wel verlangend blijven uitzien naar een goede en gepaste tijdsbesteding in meer actieve zin.

Ik wist dat er iets op mijn weg zou komen maar heb het geduld opgebracht om af te wachten en mogelijk ook naar raad van anderen te luisteren. Daar was niet zo veel kans voor want wij zijn daar in Oyarifa blijkbaar wat moeilijk te vinden, achteraf wonend en slechts te bereiken via verschillende kronkelpaden en omwegen. Dus veel plaatselijke bezoekers hebben wij nog niet mogen ontmoeten. Wij overwegen wat richtingwijzers te plaatsen en zinnen nog op uitnodigende teksten. Mocht u een idee hebben, mag u meedenken met ons.

Zo had ik de afgelopen week enkele bezoekers die meer dan een uur hebben rondgereden in het gebied dat voorlopig de “gravelpit” heet  en die ik tenslotte tegemoet gelopen ben. Op een heuveltje staande met gestrekte en zwaaiende armen heb ik hen in mijn richting gelokt. Toen zij weer vertrokken, vroeg ik of zij nu zelf de weg zouden kunnen vinden. Ja, hoor, maar nee dus. Na enkele minuten kwamen ze achter mijn huis weer uit het hoge gras opduiken met hun auto. Dus ik ben weer wat meegelopen tot de richting duidelijk werd.

 

Maar er is een beslissing genomen door mij. Vanaf 8 september 2009 word ik onderwijzer, als parttimer en vrijwilliger, op een lagere school. Het is een schooltje in opbouw en geheel een privé- initiatief van een man die vele vroegere bezoekers kennen. De beeldhouwer Anthony Kobla en zijn vrouw Mary zijn jaren geleden in een armoedige nieuwe wijk, een uitdijing van de stadswijk Ashaiman  bij Tema, een schooltje begonnen. Hij heeft alles zelf gebouwd en nu is er een samenraapsel van kleine klaslokaaltjes die tot een echte school zijn uitgegroeid. De school draagt de naam: Rev.Father Joop Visser Primary School en draagt die naam uit in hemelsblauwe letters. Ik kwam er ooit zo maar achter dat die school bestond en heb er geen steen aan bijgedragen in eerste instantie. Later ben ik er meer bij betrokken geraakt, maar altijd zijdelings en via andere vrienden en vriendinnen.

Ik ga geen trots uitdragen maar laten wij het er op houden  dat de Kobla familie bewondering heeft voor mijn werk in Ghana en ik bewonder hen op mijn beurt om hun talenten en creativiteit.

 

Ik zal voorlopig in klas 5 en 6 een bijdrage maken in de Engelse en Franse taal en in Godsdienstwetenschappen. Ik gebruik die laatste wat zware en brede term want ik wil graag op  heel brede basis kijken naar godsdienst en spiritualiteit en mij er van overtuigen dat het kinderen gegeven is het mysterie van het leven te begrijpen. Ik wil wat weg van wat hier Bijbelkennis genoemd wordt met vragen als:  Wie waren de ouders van Jezus? en: Welke koning bouwde de tempel van Jeruzalem? Ik wil de weg inslaan met hen om achter de verhalen te kijken en de weg te vinden naar hun hart en het hart van de boodschap zelf om uit te kunnen leggen bijvoorbeeld dat geen mens alleen maar ouders heeft als je nadenkt over het begin van jouw of andermans bestaan maar dat een goddelijke vonk in ieder kind aanwezig is vanaf het prille begin en dus iedere mens kind van goddelijk licht kan worden genoemd. Om dat tot uitdrukking te brengen en duidelijk te maken, moesten er mysterieuze haken en ogen gezet worden aan het geboorteverhaal van Jezus, een moeder Maria door vrouwe Wijsheid zelf bezocht en dus bezield met een bijzondere zwangerschap en een Jozef die mocht zorgen dat de vonk zou uitgroeien tot een licht voor de wereld. Te moeilijk voor kinderen? Ik geloof van niet. Ik vind het een uitdaging er aan te beginnen en zo de kinderen op weg te zetten naar meer  persoonlijke kennis en keuzes. U mag het hoogdravend en utopisch noemen, maar ik wil graag die weg op en ik kan niet wachten om het uit te proberen.

Ik wil graag les geven van maandag tot en met woensdag en natuurlijk als er niets anders te doen is in die dagen. Dat heb ik er bij uitgehouden. Mijn betaling is een bed om te slapen en een mogelijkheid wat eten te bereiden. En u mag best weten dat alles al geregeld is en Anthony en zijn vrouw Mary in de wolken zijn met mijn besluit. Er staat een kingsize bed en een gasfornuisje klaar voor gebruik! Ze moesten eens weten wat ze in huis halen!

De afstand tussen Oyarifa en Zeno, dat is de naam van de nieuwe wijk, bedraagt rechtstreeks zo’n 20 kilometer, zeg ik even met een natte vinger. En waarom dat nattevingerwerk? Omdat er nog geen rechtstreekse verbinding is en ik nog uit moet zoeken hoe ik er het beste kom. Ik wil de omweg via Madina, de Tema autobaan, Ashaiman en pas dan Zeno zo veel mogelijk vermijden. Wij zullen zien, ook dat is onderdeel van de spanning die bij de beslissing hoort.

 

Intussen is het uur aangebroken om aan de inwendige mens te denken. De geur van gebakken eieren heeft de keuken verlaten en heeft bezit genomen van de rest van het huis. De neus vertelt het nieuws door aan de maag en mijn vingers aan het toetsenbord  raken geremd en willen zich er op toeleggen om wat van die eieren op te gaan eisen tijdens het ontbijt. Jullie zullen, jammer hoor, toe moeten kijken en mogen alleen in gedachte meegenieten, niet alleen van de geur van de eieren maar vooral van  de geuren en smaken van het brouwsel van mijn verhaal.

 

Class stand!  Class sit!  Ik zal wel moeten wennen want Ghana heeft vele ingewikkelde  tradities, ook in het onderwijs.

 

Joop Visser

10 juli 2009

WACHTEND OP OBAMA

 

Al dagen lang regent het pijpenstelen. De zon komt er bijna niet door vandaag en dat is wel heel bijzonder in Afrika. De wind is voor de meeste mensen te guur om het huis uit te gaan. Ik zit in het huis van de familie Carbonu in Madina en het lijkt wel uitgestorven om mij heen. Iedereen ligt te slapen en zo af en toe komt iemand gehuld in een omslagdoek,  zijn of haar neus laten zien als om te zeggen: ik ben er nog wel, hoor.

 

Ik ben al een paar dagen in Madina. Onopvallend en automatisch is mij de verantwoordelijkheid voor de familie overhandigd en dat is maar goed ook. Eerbied aan de oudste, zo hoort het.  Radama, een hulp in de huishouding, is al een paar weken ziek en gisteren leek haar gezondheid verder achteruit te gaan  en hebben wij haar naar de lokale kliniek gebracht. In de stromende regen onder een paraplu die alleen de indruk kon hooghouden de waterval van regen te kunnen tegenhouden maar daarin jammerlijk faalde. Er staat een auto bij het huis maar in de hele stad Accra is de benzine op. Een paar dagen geleden konden wij de auto met de laatste paar druppels de poort binnenbrengen en voorlopig parkeren. Als de situatie verbetert zullen wij eerst met een jerrycan een paar liter moeten gaan halen voordat de zoektocht weer kan worden hervat. De regens dit jaar hebben veel overlast bezorgd, huizen onder water gezet, auto’s doen stranden, mensen nog slapend in hun kiosk -winkeltjes een aantal meters verderop  geplaatst en de toch al belabberde wegen een nog lagere kwaliteitsscore bezorgd.

 

Ik had vanmorgen naar Oyarifa willen wandelen om polshoogte te nemen van de stand van zaken  maar de plenzende  en op de daken trommelende, rammende regen weerhield mij daarvan. Daar kan deze persoon maar slecht tegen!  Als zijn plannen gedwarsboomd worden, zal hij daar een stokje voor steken en dus.. om mijn onlust- en frustratiegevoelens onder controle te houden, besloot ik tot een sublieme sublimerende activiteit: ik besloot een eerste artikel te schrijven voor de website, mijn eerste  na mijn aankomst vanuit Tripoli, op 27 juni 2009.

 

Mijn hoofd zit nog vol van de vele indrukken van mijn 40-jarig jubileum en vooral van de warmte en vriendschap van de vele familieleden, kennissen, vrienden en vriendinnen uit de parochies van Rotterdam en Ulft en mensen van heinde en ver die ooit in die 40-jarige periode mijn levenspad gekruist hebben. Het is sowieso al moeilijk om emoties te omschrijven maar dat bijzondere gevoel mensen te zien en te mogen omhelzen die een bijzondere ervaring met je gedeeld hebben die in een flits zich aan je opdringt, is een heel bijzondere. Ik heb daar nauwelijks een deugdelijk woord voor om dat te beschrijven. Ik voel mij heel dankbaar gestemd naar allen die zich ingezet hebben voor dat bijzondere feest. Het is mijn zus Dini weer eens gelukt alle draden bij elkaar te houden en te zorgen dat er een prachtig weefsel gevlochten zou gaan worden om alle indrukken daarin een plek te kunnen geven. Foto’s en Dvd’s zullen nog lang de belevenissen vast houden maar mijn hart zal het zeker winnen om de gevoelens er bij te kunnen terugroepen. En zij is er ook in geslaagd nieuwe draden aan te knopen want zij heeft Ken en Emefa en de hele familie Carbonu opdracht gegeven goed voor mij te zorgen, min of meer namens de hele familie.

 

Nog een paar uur en president Obama zal in Accra landen. Het lijkt er op of het hele land door hoge koorts getroffen is. Overal welkomsttekenen, posters, vlaggen, T-shirts, petjes, armbandjes, schone witte straten, kortom zijn bezoek brengt geld in het laatje van handige ondernemers maar nog veel meer eergevoel in de harten van de Ghanezen. Niet Nigeria of Zuid-Afrika, de reuzen van het continent, maar het kleine landje Ghana is het eerste land in Afrika dat een dierbare zoon mag verwelkomen. De president, zoon van een Amerikaanse moeder en een vader uit Kenia, wordt in het hart gesloten als Afrikaanse broer die als eerste vertegenwoordiger van het continent de hoogste politieke functie heeft verworven. Er wordt soms al snel over historische gebeurtenissen gesproken maar dit is er een van grote allure. Al wil ik wel graag de gloedvolle woorden van een van de vele christelijke profeten hier - die als rijpe mango’s uit  de bomen rollen - met een korreltje zout nemen: “Ik heb het vorig jaar al voorspeld dat Obama president zou worden al wist ik toen niet dat hij zo spoedig naar Ghana zou komen. Toen ik het nieuws van zijn bezoek hoorde, heb ik nog tegen God gezegd: “Waarom hebt u mij dat nieuws nu niet op tijd laten weten waarop God zou hebben geantwoord: “Ja maar, ik kan je niet alles vertellen!” God als vriendelijke buurman bijna hangend over de heg voor een burenbabbel. Te lelijk om ooit waar of mooi  te mogen zijn.

Terwijl de regen opnieuw van de daken gutst, besef ik dat er wel een grote zegen moet rusten op dit bezoek. Regen in Afrika  is nu eenmaal altijd een zegen al verlamt het de dagelijkse activiteiten in grote mate en is een bezoek aan de lokale markt een verzoeking. Grote poelen water die op palmoliesoep lijken, blokkeren de weg tussen de verschillende stalletjes die je scheiden van de tomaten, de rijst en de vis die nu eenmaal niet binnen handbereik  op hetzelfde schap in de overdekte supermarkt  liggen. 

 

Obama, de Obama familie en een leger adviseurs en veiligheidsmensen komen er aan en Ken zit in Castricum (!) of all places,  in Holland, ver weg van dit historisch moment. Wat een gemiste kans!! De organisatoren zijn op zoek naar hem om op het vliegveld aanwezig te zijn en als dichter des vaderlands (!) de Amerikaanse president en zijn gevolg toe te zingen in zijn vrije stijl van componeren. Hij is er niet en, eerlijk gezegd, ik had het kunnen weten dat autoriteiten op zoek zouden gaan naar hem omdat hij al vaker bij staatsbezoeken die prachtige rol heeft mogen spelen om staatshoofden bij wie maar enkele bevoorrechte mensen dichtbij kunnen of mogen  komen, toe te zingen en uit hun ernstige gezichten een eerste, onverwachte en echte glimlach te voorschijn te toveren na al dat plechtige plichtmatige handen schudden.

 

Vanavond gaan wij Obama’s  staatsbezoek in ons familieclubje vieren. Pontificaal voor het kleine televisiescherm zittend, zullen wij het glas Cola, Fanta of Bier heffen en ons heel groot voelen. Hopelijk gedraagt het elektriciteitsnet zich keurig en zal het ons niet overleveren aan de duisternis van een onverwachte storing. Cherry, een jongeman die druk bezig is met het pleisteren van enkele kamers in ons gezamenlijke huis in Oyarifa, zal van de partij zijn en zijn werk op tijd stoppen.

 

Ik bedenk nu opeens dat ik vanuit mijn huis in Oyarifa het presidentiële vliegtuig had kunnen zien over komen vliegen. U moet namelijk weten dat alle binnenkomende vliegtuigen, eenmaal over de Aburi heuvelrug zichtbaar en hoorbaar geworden, ergens in de ruimte boven ons huis hun koers wijzigen en de richting inslaan van het vliegveld. Die beweging bekijk ik vele malen per week en ik geniet er iedere keer weer opnieuw van. Vanuit het ene raam van mijn huis zie en hoor ik ze aankomen met brullende motoren  en even later zie ik ze vanuit een ander raam koers zetten en afdalen naar het vliegveld. Op die momenten begin ik mij jongensachtig te voelen en geboeid door die vliegbewegingen alsof ik zelf achter de stuurknuppel zit om mensen op mijn vleugels naar hun bestemming te dragen  en in contact te brengen met familie en vrienden die hunkeren naar hun omhelzing en nabijheid.

 

Zo’n gevoel leg ik ook graag in dit korte artikel. Ik heb de beweging naar u al in werking gezet, volop geconcentreerd daal ik af om veilig en stoer bij u aan te komen en vanaf de trap die snel toegeschoven is geworden, kom ik u tegemoet lopen en…zonder aarzeling  zal ik u innig omhelzen.               

                                                                    

               Joop Visser

8 juli 2009

Vanuit de gravelpit van Oyarifa

 

Dag vrienden,

 

Dit moet ik toch even laten weten aan de meest betrokkenen. Ik zit hier in mijn nieuwe huis in Oyarifa en ben via de stroomvoorziening van de  windmolen op weg naar jullie met een internetaansluiting ter plekke.

Ik voel mij de koning te rijk. Wat een heerlijk gevoel dat ik jullie nu rechtstreeks bereiken kan zonder eerst te moeten afreizen naar Madina.

 

Voor Cor (degene die de molen heeft geleverd) even de stand van zaken. De windmolen draait nog altijd als een tierelier. Wij experimenteren nog met de oplaadfunctie want de twee (!) accu's, eenmaal beneden de 23 volt stand, lopen dan snel terug naar 21 en dan is er te weinig spanning om nog te functioneren. Het lijkt er een beetje op dat de molen misschien

a. niet voldoende draait want er is niet altijd wind of

b. dat de accu's niet zo goed functioneren ofschoon wij dachten de juiste nieuwe (!) gekocht te hebben. Wat ik zie tijdens flinke wind is dat de stand van het voltage tijdens de wind hoog oploopt, vaak boven de 24 volt, maar dat bij het verstrijken van de wind de accu toch terugvalt ver beneden die laatste stand. Ik kan mij dat wel voorstellen maar dus hapert het ergens aan de oplaadfunctie. Waarom kunnen  bij toch flinke wind de accu's niet permanenter worden opgeladen? is de vraag van een leek als ik. Maar ik ben zo blij als wat dat ik dit mailtje via het vermogen van de windmolen naar jullie toe kan sturen. Het geeft mij een fantastisch gevoel.

 

Dank aan iedereen die dit voor mij mogelijk gemaakt heeft en met hartelijke groet voor iedereen:

 

Joop Visser

1 juli 2009

Joop terug op Afrikaanse bodem

 

Dag lieve vriend(inn)en,

 

Dit wordt geen lange mail; ik vind het fijn aan jullie en aan wie jullie dit zullen en willen doorgeven het bericht door te spelen dat ik veilig en wel ben aangekomen in Madina. Gisteren vroeg iemand mij vlak voor vertrek of ik niet zenuwachtig was en moeite had met het achterlaten van zo veel vrienden en vriendinnen. Ik ben eerlijk geweest en heb gezegd dat ik niet kan wachten terug te keren omdat nu hier voor mij in Afrika de uitdaging wacht. Vanzelfsprekend ga je dierbare mensen van tijd tot tijd missen maar dat lijkt mij onderdeel te blijven van welke gemaakte keuze dan ook. En wat in de maand juni gebeurd is rond mijn jubileum is met geen pen te beschrijven. De grote hoeveelheid warmte, meeleven en vriendschap die ik heb mogen ervaren tijdens mijn jubileum en gedurende de maand juni 2009 in het algemeen en diezelfde genegenheid die ik koester voor zo velen, sla ik op in dat plekje van mijn hart dat ik mijn heilige der heiligen beschouw.

Daar waar de diepste menselijkheid de transformatie ondergaat naar goddelijke beleving en ervaring. De Ulftse, Rotterdamse en brede gemeenschap, familieleden, vrienden en vriendinnen van heinde en ver, die talentvolle buurt van de Diergaarde, allemaal  mensen met wie ik mooie herinneringen heb opgebouwd en die ik in de propvolle zaal weer mocht ontmoeten na de Eucharistieviering van 14 juni 2009; de geweldige viering met de prachtige koren en vooral de medewerking van de engelssprekende gemeenschap die in hartje Ulft dat betoverende vermogen van Afrika hebben uitgestraald om mensen te boeien en ontroeren, dat laat je nooit meer los.

 

Gelukkig waren er ook momenten die teken werden van het proces van loslaten waar wij allemaal doorheen gaan. Dat onderkennen en kalm aanvaarden  is een vereiste om op eigen wijze allemaal verder te gaan met een gekozen levensontwerp. Een bijna primaire reactie is teleurstelling, soms wat schaamte of verdriet dat dat proces onvermijdelijk is en veel niet meer is als voorheen. Niet iedereen die ik graag  had willen blijven ontmoeten, heb ik inderdaad ontmoet. Niet iedereen die zelf ook  aanwezig wilde zijn tijdens de feestelijkheden kon er in persoon zijn of slechts een korte tijd. Om het met een beeld te zeggen: het groepje mensen dat naar Schiphol kon komen om mij uit te zwaaien, was veel kleiner dan de laatste keer. Dat is maar goed ook, bedenk je dan want het leven gaat door. Collega Frans en de andere collega's waren  eigen jubilea aan het vieren, anderen moesten aan het werk en de meesten hadden een ander dagprogramma uitgekozen.

Ik heb de kunst van leven een beetje onder de knie om naar de kern van een relatie te kunnen blijven kijken zoals ik het omschreven aantref in een afscheidsbrief van een collega en de (om)mogelijkheden van de concrete situatie op de koop toe te nemen. "Als je elkaar weer ziet, lijkt het wel of het gevoel voor elkaar nooit weggeweest is en waardeer je het des te meer". Een waarheid als een Indiase heilige koe.

Oprechte liefde en vriendschap ondergaan gewillig het polijsten van de dagelijkse werkelijkheid als noodzakelijke voorwaarde  om te gaan glanzen als een geslepen diamant.

 

Hier zit ik dan, te wachten op water dat maar niet komt om mij even te wassen. Geen druppel in huis. Rond het huis in Madina is het een grote modderboel want er is een septic tank gegraven en het overtollige kleiige zand is lukraak rondgestrooid rond het huis . Het is wat ik typisch "juliweer" zou willen noemen: veel wind, bewolkte luchten, enkele regenbuien, de temperatuur wat lager dan normaal. Tijdens al de "jaren Afrika" begroet ik de maand juli als een vriend want ik voel mij beter in mijn vel zitten. De voorbijtrekkende wolken maken indruk op mijn Hollandse genen.

 

Ik wil mijn dankbaarheid voor iedereen meegeven met deze mail. Ik voel mij rijk en denk aan een prachtig moment tijdens het feest. Het betreft en neefje van rond de zes jaar die  stapelgek lijkt met mij en thuis  maar blijft praten over zijn ome Joop. Bij het afscheid nemen zei hij: "ik wil nog een hele dikke knuffel van jou want ik kan nooit meer in jouw kerk komen slapen en spelen." Toen ik hem die vol overgave gaf, fluisterde hij: "Ik vind deze knuffel zo lekker dat ik zou willen slapen".  Voor mij op dit moment leeft eenzelfde gevoel. De vriendschap en nabijheid die ik van u allen heb ervaren en die ik zal blijven koesteren, zou ik voor altijd willen ervaren als in een eindeloze vredige slaap. Maar goed, ik ben mijn neefje niet. Er is werk aan de winkel van onze gezamenlijke wereld. Daar willen wij allemaal, ongeacht onze leeftijd, toch  een steentje aan bijdragen.

 

Met lieve groet:  Joop

 

14 juni 2009

40-jarig priesterfeest

 

Een weerzien, een feest en een afscheid. Zo voelde het eigenlijk op deze dag.

Ja, Joop was de laatste dagen van mei al teruggekeerd om dit feest in Nederland te komen vieren en had zijn neus al tegen de verschillende vensters aangedrukt. Bij dit afscheid voelde het toch iets anders dan bij het vorige uit Rotterdam Zuid, want toen zou Joop nog terugkomen. En nu..... ja natuurlijk een "tot ziens", maar wanneer dat is.... dat blijft een verrassing.

 

De dag en het feest was geweldig. Je kon de grote verbondenheid van zijn familie, het hele dorp Ulft en alle vrienden en kennissen voelen. Heel speciaal was ook dat zijn maatje/partner van het "African dream"-project, Ken Carbonu (met zijn vrouw en kind) ook mee waren gekomen. Dit was echt Afrika in Ulft, wat nog eens extra werd versterkt door een grote delegatie van de Afrikaanse gemeenschap uit Rotterdam Zuid. De bewoners van Ulft hebben hun ogen uitgekeken en hebben zelden zo'n kleurrijk gezelschap bij elkaar gezien. Het was een feest zoals dat bij Joop hoort.

 

 

 

 

En nu laten we Joop echt gaan. Hij gaat naar waar zijn hart ligt: in Afrika, Ghana.

Daar zal hij zich weer, op zijn eigen wijze, inzetten voor de medemens.

Het volgend stukje songtekst is helemaal van toepassing op Joop:

maak je African Dream maar helemaal waar Joop!

 

Ik heb een droom,

haal weg het duister, kom zie en luister

naar wat ik bedoel.

Hier ver vandaan,

huilen er mensen. Ja vervul hun wensen.

Maak die droom maar waar.

 

Hans Uijlenbroek